Het Kasteel van Den Haag

Het centrum voor de administratie van het Graafschap Holland (hoort bij het spel Koninkrijken der Renaissance)
OfficiŽle site van het spel : www.dekoninkrijken.com
 
IndexRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Boek II: Strafwet

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Admin
Admin


Man Aantal berichten : 625
Registration date : 28-04-07

Personage-beschrijving
Adelijke rang: Burger
Spierkracht:
0/0  (0/0)

BerichtOnderwerp: Boek II: Strafwet   do mei 31, 2007 10:37 pm

Citaat :
Boek II : Het strafwetboek

Opus 1. Algemene bepalingen

Artikel 1 Definitie ambtsdrager
Ambtsdrager: een raadslid, burgemeester of een persoon die direct of indirect wordt benoemd door een burgemeester, raadslid of de Raad van Holland.

Artikel 2 Rechtszekerheidsbeginsel
1. Enkel de feiten die uitdrukkelijk in deze wet zijn genoemd zijn strafbaar
2. Een feit is enkel strafbaar als het voorafgaand aan het plegen daarvan strafbaar is gesteld.

Artikel 3 Geen straf zonder schuld
Een feit is alleen dan strafbaar als de betrokkene enig verwijt kan worden gemaakt van het plegen daarvan.

Artikel 4 Toepassingsbereik
Deze wet geldt voor allen die zich bevinden op het grondgebied of de wateren behorende bij het Graafschap Holland dan wel op een aan een Hollander toebehorend schip, behoudens in de gevallen dat een dergelijke overtreding onder Keizerlijke wetgeving valt.

Artikel 5 Straffen
De volgende straffen kunnen worden uitgesproken. (Van licht naar zwaar gerangschikt)
1. Publieke sancties (publieke excuses, schandpaal,Ö)
2. FinanciŽle sancties (Schadevergoedingen, terugbetalingen, boetes,Ö)
2.1. De Rechter kan besluiten om de boete aan het Graafschap of een andere instelling of persoon te laten betalen.
3. Sancties van gemeenschapsdienst (De veroordeelde een actie laten ondernemen die voordelig is voor de gemeenschap)
4. Gevangenisstraffen
5. Lichamelijke sancties (zweepslagen, geselen, Ö.).
6. Verbanning (maximaal 3 maanden)
7. Doodstraf. (Mensen van adel worden onthoofd, met mensen zonder adellijk bloed mag de rechter naar eigen goeddunken handelen.)
NRP : De doodstraf zal enkel worden opgelegd indien wordt voldaan aan de daarvoor geldende Keizerlijke regels. Zij die hun personage niet willen zien sterven zullen een lichamelijke straf krijgen (-10 bij elke eigenschap en volledig verlies van charisma.)

Artikel 6 Strafmaat
1. De rechter houdt bij het bepalen van de straf rekening met de ernst van het strafbare feit alsmede met de persoonlijke omstandigheden van de schuldige, waaronder recidive en het afleggen van een bekentenis.

Opus 2. Economische en fiscale delicten

Artikel 1 Misbruik van mandaten
Het is verboden de inhoud van een mandaat te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor het is gegeven of wanneer het doel in strijd is met het belang van de stad of het graafschap Holland

Artikel 2 Onbedoelde koop uit een mandaat
Eenieder die goederen uit een mandaat koopt die voor een ander bedoeld zijn, is verplicht deze goederen, afkomstig uit het mandaat, binnen 48 uur te koop aan te bieden tegen dezelfde koopprijs nadat hij daarvan in kennis is gesteld.

Artikel 3 Belastingplicht
1. Het is verboden niet of niet tijdig de belastingen te bepalen die worden geheven door of namens een rechtmatig verkozen raad of burgemeester.
2. Onder belastingen vallen alle typen belastingen zoals de havenbelasting, herbergbelasting en belasting op onroerende zaken.
3. De burgemeester kan kwijtschelding verlenen van door hem geheven belastingen. De Graaf kan kwijtschelding verlenen van overige belastingen.

Artikel 4 Belastingafdracht
Het is burgemeesters verboden:
1. een opdracht, gegeven door de rechtmatig verkozen raad, om een belasting te heffen niet uit te voeren;
2. om belastingen, geheven in opdracht van een rechtmatig verkozen raad , niet af te dragen.

Artikel 5 Speculatie
Het is eenieder, met uitzondering van burgemeester en door hen aangewezen functionarissen, is verboden de volgende goederen aan te kopen en duurder te verkopen in dezelfde stad: gierst, tarwe, meel, brood, melk, vis, vlees, groente, fruit, hout en ijzer.

Artikel 6 Marktverstoring
Het is verboden de markt te verstoren door het massaal opkopen van goederen, speculatie dan wel anderszins.

Artikel 7 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus onder 1 tot en met 6 gelden als oplichting, met uitzondering artikel 4 wat geldt als hoogverraad.

Opus 3. Misdrijven tegen de openbare orde alsmede de waardigheid, het goed en het leven van personen

Artikel 1 Bedreiging
Elke dreiging naar een burger toe is verboden.

Artikel 2 Laster
1. Het is verboden opzettelijk onware informatie te verspreiden met als enig doel de goede naam van personen te schaden.
2.Er wordt enkel tot vervolging overgegaan na een klacht van de persoon op wie de onjuiste informatie betrekking heeft of, na zijn overlijden, zijn erfgenamen.
3. In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

Artikel 3 Struikroof
1. Het is verboden om een persoon op de Hollandse wegen zijn geld of goederen te ontnemen (struikroverij).
2. Ook een poging tot struikroverij is strafbaar.

Artikel 4 Geweldspleging
Het is verboden een Hollander van zijn leven te beroven, tenzij wordt gehandeld in opdracht van de rechtmatig verkozen Graaf van Holland tijdens de staat van beleg of in zelfverdediging tegen een onrechtmatige aanval of overval.

Artikel 5 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus onder 1 tot en met 4 gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 4. Verstoring van de rechtsgang

Artikel 1 Vervalsing
Het is verboden bewijsmateriaal te vervalsen.

Artikel 2 Belemmering onderzoek
1. Eenieder is verplicht medewerking te verlenen aan een onderzoek van de (assistent-)Schout.
2. De verdachte, zijn partner en bloed- en aanverwanten tot en met de vierde graad behoeven echter geen bewijs te leveren dat bijdraagt aan zijn veroordeling.

Artikel 3 Meineed
Het is verboden een onware verklaring af te leggen voor het gerecht, behalve voor de verdachte.

Artikel 4 Negeren rechterlijke uitspraak
Het is verboden de voorwaarden gesteld in een rechterlijk vonnis niet na te leven.

Artikel 5 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 5. Misdrijven tegen de instituties van het graafschap Holland

Artikel 1 Revoltes e.d.
1. Het is verboden een stad of kasteel door middel van een revolte dan wel militaire aanval over te nemen.
2. Ook een poging tot het overnemen is strafbaar.
3. Het verstrekken van informatie met als doel het vergemakkelijken van een revolte of aanval is strafbaar.
4. Het voorgaande in dit artikel is niet van toepassing wanneer de Graaf van Holland, met inachtneming van de Grondwet, de bestorming van een stadhuis of kasteel opdraagt.

Artikel 2 Legervorming
1. Het is verboden een leger op te richten zonder toestemming van de Graaf van Holland.
2. Het is verboden om deel uit te maken en werk aan te nemen van een leger als bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3 Criminele samenzwering
Het is verboden alleen, of in vereniging met anderen, ťťn of meer steden of het kasteel over te nemen, een reeks georganiseerde overvallen te plegen of het aanvallen van schepen te plannen, uit te voeren of dreigen uit te voeren.

Artikel 4 Schending geheimhouding
1. Het is verboden vertrouwelijke informatie uit de besloten zaal der burgemeesters, de stadsraad, het kasteel van Den Haag of de Raad van Holland te verspreiden.
2. Het is verboden om informatie die vertrouwelijk wordt meegedeeld door de burgemeester, de raad of een van haar leden dan wel een door deze instituties aangesteld persoon openbaar te maken.
3. De Graaf c.q. de meerderheid der burgemeesters kunnen toestemming verlenen voor het openbaar maken van informatie uit de raad c.q. de zaal der burgemeesters.

Artikel 5 Machtsmisbruik
1. Het is ambtsdragers verboden hun functie te gebruiken ten behoeve van persoonlijk (financieel) gewin.

Artikel 6 Taalbeheersing
Het is verboden een ambt in dienst van het graafschap Holland te bekleden, voor iemand die de Nederlandse taal niet autonoom (zonder hulpmiddelen) beheerst.

Artikel 7 Kwalificatie
Overtreding van artikel 1 tot en met 5 geldt als verraad, tenzij zij worden begaan door een ambtsdrager of edelman van het graafschap Holland. Dan gelden zij als hoogverraad. Overtreding van artikel 6 geldt als verstoring van de openbare orde.

Opus 6. Maritieme delicten

Artikel 1 Aanmeren schepen
Het is verboden een schip aan te meren, zonder toestemming van de havenmeester.

Artikel 2 Geweldspleging
2. Het is verboden een schip van een Hollander of een schip dat zich in Hollandse territoriale wateren bevindt, aan te vallen of tot zinken te brengen, tenzij wordt gehandeld in opdracht van de rechtmatig verkozen Graaf van Holland tijdens de staat van beleg.

Artikel 3 Kwalificatie
De feiten in deze opus gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 7. Verblijf door buitenlanders

Artikel 1 Verblijfsbeperkingen
1. Elke niet-Hollander dient op vraag van de Schout of de Graaf onverwijld het doel van zijn bezoek aan Holland mede te delen.
2. Elke niet-Hollander dient de beperkingen, gesteld door de Schout of de Graaf van Holland aan een bezoek, in acht te nemen.

Artikel 2 Kwalificatie
Het nalaten de verplichtingen in deze opus na te leven geldt als verstoring van de openbare orde.

Citaat :
  • Laatst aangepast door Bernardus op 16 juni 1457.
  • Aangepast op 27 juli 1457 door Lara Callisto Taileur, Op. 4 Artikel 13 toegevoegd
  • Aangepast op 19 augustus 1457 door Lara Callisto Tailleur, Op. 4 Artikel 12, Op. 4 Artikel 12.1 toegevoegd
  • Aangepast op 21 augustus 1457 door Lara Callisto Tailleur, Op. 1 Artikel 1.4
  • Aangepast op 21 augustus 1457 door Lara Callisto Tailleur, Op. 5 Artikel 2, Op. 5 Artikel 6, Op. 5 Artikel 7, Op. 5 Artikel 8
  • Aangepast op 26 september 1457 door Lara Callisto Tailleur, Opus 1, Artikels 1, 2 & 6.1 verwijderd. Opus 3, Artikel 6 verwijderd. Opus 5, Artikels 1, 2, 5, 6 & 8. Op. 4 Artikel 1. aangepast. Op. 4 Artikel 5. verwijderd. Op. 4 Artikel 6 gewijzigd. Op. 4 Artikel 10.1 verwijderd.
  • Aangepast op 27 oktober 1457 door Lara Callisto Tailleur, Op. 4 Artikel 5 aangepast.
  • Aangepast op 2 maart 1458 door Lara Callisto Tailleur, Op. 3, Artikel 3.2 toegevoegd.
  • Aangepast op 8 augustus 1458 door Lara Callisto Tailleur. Op. 5 Art. 4 aangepast en Art. 4.1 toegevoegd.
  • Aangepast op 8 december 1458 door Lara Callisto Tailleur. Op. 5 Art. 4 verwijderd
  • Aangepast op 13 december 1458 door Lara Callisto Tailleur. Op. 5 Art. 4.1 verwijderd.
  • Aangepast op 10 april 1459 door Lara Callisto Tailleur. Op. 2 Art. 1 t/m 3 int geheel geschrapt. Op 4. Art. 5 verwijderd
  • Aangepast op 26 juli 1459 door Lara Callisto Tailleur. Op. 3 hernoemd naar Op 2, Artikel 1, 2 en 3 aangepast. Artikel 3.2 verwijderd
  • Aangepast op 16 augustus 1459 door Alyssa Ciara Tailleur Connor. Op. 4 hernoemd naar Op.3, Op 5 hernoemd naar Op 4, alle artikels aangepast
  • Aangepast op 12 september 1459 door Alyssa Ciara Tailleur Connor. Verwijdering artikels 3, 4 en 6 uit opus 5.
  • Aangepast op 21 oktober 1459 door Alyssa Ciara Tailleur Connor. Hernummering opus 4.
  • Aangepast op 21 januari 1460 door Alyssa Ciara Tailleur Connor. Hernummering van Artikel 9 Opus 3 punt 1.
  • Aangepast op 30 mei 1460 door Alyssa Ciara Tailleur Connor. Aanpassing van Artikel 1.2 en Artikel 8, Opus 4.
  • Aangepast op 2 juli 1460 door Alyssa Ciara Tailleur Connor, aanpassing opus 4 artikel 1.1 en schrapping artikel 1.1.1.
  • Aangepast op 17 augustus 1460 door Alyssa Ciara Tailleur Connor, aanpassing opus 3 artikel 6.
  • Aangepast op 7 oktober 1460 door Alyssa Ciara Tailleur Connor, aanpassing opus 1, artikel 2.1, opus 3, artikel 4 en 8
  • Aangepast op 3 juni 1461 door Alyssa Ciara Tailleur Connor, gehele wetboek aangepast.


Laatst aangepast door op zo okt 28, 2007 12:09 am; in totaal 3 keer bewerkt
Terug naar boven Go down
Lara



Aantal berichten : 4055
Registration date : 25-12-07

Personage-beschrijving
Adelijke rang: Graaf
Spierkracht:
0/0  (0/0)

BerichtOnderwerp: Re: Boek II: Strafwet   ma jul 27, 2009 4:40 pm

Citaat :
Citaat :

Memorie van toelichting:
De strafwet is grondig hervormd. Doel van deze hervorming is in de eerste plaats het maken van een wetboek dat eenvoudiger te lezen is en consistent is in zijn woordkeuze. De uitleg van het begrip (hoog)verraad is nu uniform in het hele wetboek. Nieuw is dat ook personen met een niet officiŽle functie voortaan hoogverraad kunnen plegen. Dit moet expliciet zijn vastgelegd zoals dat nu is gebeurd in artikel 6,7 en 8 van opus 5.

Artikel 6 van opus 1 gaat uit van een zwaardere straf bij herhaling van het misdrijf. De rechter dient hierbij wel voorrang te verlenen aan de geldende Keizerlijke regels omtrent rechtspraak. Deze regel hoeft dan ook niet gevolgd te worden wanneer dit hiermee in strijd zou zijn.

Artikel 2 van opus 5 slaat niet enkel op verrijking in de vorm van geld. Als verrijking wordt ook gezien het gebruik van een publieke functie om zichzelf of aanhangers te verrijken door middel van (politieke) invloed. Een burgemeester of raadslid mag niet in de uitoefening van zijn functie gebruik maken van de invloed die deze functie verstrekt (ter illustratie: denk aan een woordvoerder van partij A die in de officiŽle aankondiging van een wetsvoorstel erbij vermeldt dat dit voorstel door het harde werk van partij A er is doorgekomen of dat het voorstel is aangenomen ondanks tegenwerking van partij B). Wel mag een raadslid of burgemeester op een openbare plaats, wanneer hij geen gebruik maakt van mogelijkheden die zijn functie hem biedt of verwijzingen doet naar zijn functie (NRP: anders dan enkel de vermelding in een onderschrift) zijn politieke voorkeuren uitspreken.

Een extra toelichting verdient nog artikel 9, opus 5. Een verklaring afgelegd op een openbaar plein (NRP: het forum), waarbij door middel van een tolk een Nederlandse vertaling is aangebracht geldt niet als overtreding van de taalwet.

Jrkboy d'Ursel
Woordvoerder ad interim

29 mei 1457

Citaat :
27 juli 1457

Citaat :
Boek II Strafwet-
Op. 4. Over Verstoring van de Openbare Orde.
Artikel 13.
Elke weigering en elke bewuste of onbewuste vorm van nalatigheid of verzuim om de uitspraak van de rechter na te leven of om een voorwaarde opgelegd door de rechter voor de voorwaardelijke invrijheidsstelling na te leven, zoals vermeld in het vonnis, zal bestraft worden met een nieuw proces voor verstoring van de openbare orde. De beklaagde zal automatisch een celstraf van minstens 3 dagen krijgen en indien de rechtbank het nodig acht ook een bijkomende straf krijgen.

Citaat :
Memorie van toelichting

Dit artikel wordt teruggeplaatst zodat het wetboek wederom een wet heeft die het niet nakomen van een vonnis omvat.

Getekend op 27 juli van het Jaar des Herens 1457,



Aldwoni



Citaat :
De Raad kondigt volgende aanpassing in de grondwet aan:

Citaat :
Toevoeging Grondwet. Op. 1 Artikel 12

Oude Artikel:
Citaat :
Artikel 12

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of de Graaf van Holland, op het Hollandse grondgebied te bevinden op straffe van verstoring van de openbare orde.

Nieuwe Artikel:
Citaat :
Artikel 12

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of de Graaf van Holland, op het Hollandse grondgebied tot en met Leiden te bevinden op straffe van verstoring van de openbare orde.

Artikel 12.1

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Graaf van Holland, te bevinden in Haarlem en Amsterdam op straffe van verstoring van de openbare orde.

Memorie van Toelichting:
Citaat :
Wegens eerdere gevallen van buitenlandse bestormingen tegen het Kasteel van Amsterdam, heeft de Raad besloten dat buitenlanders niet verder dan Leiden mogen reizen zonder toestemming van de Graaf van Holland. De veiligheid op deze manier is stukken groter.

Was getekend op 18 augustus van het Jaar des Herens 1457,
Gautran Dirk-Jan de Mťrode de Guilliotine,
Woordvoerder namens de Raad van Holland.


Gautran schreef:
Citaat :
De Raad deelt enkele wetswijzigingen mee. Spoedig volgen er nog.
Citaat :
Oud:
Citaat :
Boek II, Opus 5, Artikel 2.

Elk gebruik van een officiŽle functie met als doel zichzelf of medeplichtigen onrechtmatig te verrijken wordt beschouwd als (hoog)verraad.

Nieuw:
Citaat :
Boek II, Opus 5, Artikel 2.

Elk gebruik van een officiŽle functie met als doel zichzelf of medeplichtigen onrechtmatig te verrijken wordt beschouwd als hoogverraad.

Memorie van toelichting:
Citaat :
Daar het onmogelijk is dat iemand met een officiŽle functie verraad pleegt, en daar het in Artikel 2 van Opus 5 wel degelijk enkel over mensen met een officiŽle functie gaat, is het overbodig om te zeggen dat er zowel hoogverraad als verraad kan worden gepleegd. Dit is nu aangepast, zodat er enkel hoogverraad staat.
Citaat :
Oud:
Citaat :
Boek II, Opus 1, Artikel 1.4.

(Hoog)verraad:
Elke gedraging die het graafschap in brede zin schade berokkent. Een misdrijf wordt beschouwd als hoogverraad wanneer de dader een officiŽle functie in het graafschap bekleed en als verraad wanneer de dader geen officiŽle functie bekleed. Verder wordt als hoogverraad beschouwd bepaalde expliciet genoemde zeer ernstige misdrijven die het voorbestaan van het graafschap ernstig in gevaar brengen.

Nieuw:
Citaat :
Boek II, Opus 1, Artikel 1.4.

(Hoog)verraad:
Elke gedraging die het graafschap in brede zin schade berokkent. Een misdrijf wordt beschouwd als hoogverraad wanneer de dader een officiŽle functie in het graafschap bekleed en als verraad wanneer de dader geen officiŽle functie bekleed.

Memorie van toelichting:
Citaat :
Als gevolg op andere wetswijzigingen in Opus 5, specifiek in de laatste 3 Artikels en in Artikel 2, wordt Artikel 1.4 van Opus 1 terug aangepast naar de oude versie, alwaar er bij Opus 5 weer overal een onderscheid tussen verraad en hoogverraad aanwezig is.
Was getekend op 21 augustus van het Jaar des Herens 1457,
Gautran Dirk-Jan de Mťrode de Guilliotine,
Woordvoerder namens de Raad van Holland.


Citaat :
De Raad deelt opnieuw enkele wetswijzigingen mee. Spoedig volgen er nog.
Citaat :
Oud:
Citaat :
Artikel 6.
Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als hoogverraad.

Nieuw:
Citaat :
Artikel 6.
Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.
Citaat :
Oud:
Citaat :
Artikel 7.
Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als hoogverraad.

Nieuw:
Citaat :
Artikel 7.
Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.
Citaat :
Oud:
Citaat :
Artikel 8.
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als hoogverraad.

Nieuw:
Citaat :
Artikel 8.
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als (hoog)verraad.
Citaat :
Memorie van toelichting:
Citaat :
Bij artikels 6, 7 en 8 van Opus 5 is het onderscheid tussen verraad en hoogverraad, afhankelijk van de dader, terug ingebracht. Omdat het niet logisch was dat mensen die meer verantwoordelijkheden dragen of onder eed staan, dezelfde straf krijgen als gewone burgers, zullen ze dus wederom apart aangeklaagd worden.
Was getekend op 21 augustus van het Jaar des Herens 1457,
Gautran Dirk-Jan de Mťrode de Guilliotine,
Woordvoerder namens de Raad van Holland.


Citaat :
Oud strafwetboek:

Citaat :
Boek II : Het strafwetboek

Opus 1: Over de definitie van misdaden, misdrijven en straffen.

Artikel 1.

Een inwoner of reiziger, om het even van welke nationaliteit of woonplaats, kan gedagvaard worden door het Hof van Justitie van Holland.

Artikel 2.

Elke criminele of misdadige actie erkent door de rechter wordt bestraft met een straf. Deze straf is evenredig met de actie die de oorzaak is van de straf. De Graaf kan echter wel gratie verlenen na aanvraag.

Artikel 3.

De misdrijven worden onderverdeeld in de volgende categorieŽn:

Artikel 3.1.

Slavernij: Met betrekking tot de relatie tussen werkgevers en werknemers.

Artikel 3.2.

Oplichting: Met betrekking tot een onwettige verrijking.

Artikel 3.3.

Verstoring van de Openbare Orde:
- Elke gedraging die een aanslag is op de fysieke en/of morele integriteit van een persoon of groep.

- Elke gedraging die de openbare orde of de goede werking van de gemeenschap verstoord.

Artikel 3.4.

(Hoog)verraad:
Elke gedraging die het graafschap in brede zin schade berokkent. Een misdrijf wordt beschouwd als hoogverraad wanneer de dader een officiŽle functie in het graafschap bekleed en als verraad wanneer de dader geen officiŽle functie bekleed.

Artikel 3.5.

Hekserij : Wat betrekking heeft tot het kerkelijk recht.

Artikel 4.

Met graafschap in brede zin wordt bedoeld: de Graaf, de Raadsleden, de door het Graafschap beŽdigde personen, de Burgemeesters, het leger, een significant deel van zijn bevolking, alle publieke bezittingen van het Graafschap, al de instellingen van het Graafschap en zijn symbolische waarden en bezittingen.

Artikel 4.1

Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, veldwachters en handelaren. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie.

Artikel 5.

Iedereen op Hollands grondgebied kan aangeklaagd worden op voorwaarde dat er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan, dit beoordeeld de Openbaar Aanklager.

Artikel 5.1.

Bij betwisting over het oordeel van de Openbaar Aanklager beslist de Graaf of er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan.

Artikel 6.

De volgende straffen kunnen worden uitgesproken. (Van licht naar zwaar gerangschikt)
1. Publieke sancties (publieke excuses, schandpaal,Ö)
2. FinanciŽle sancties (Schadevergoedingen, terugbetalingen, boetes,Ö)
2.1. De Rechter kan besluiten om de boete aan het Graafschap of een andere instelling of persoon te laten betalen.
3. Sancties van gemeenschapsdienst (De veroordeelde een actie laten ondernemen die voordelig is voor de gemeenschap)
4. Lichte gevangenisstraffen (Gevangenisstraf van maximum 3 dagen).
5. Zware gevangenisstraffen (Gevangenisstraf van meer dan 3 dagen).
6. Lichamelijke sancties (zweepslagen, geselen, Ö.).
7. Verbanning (al dan niet tijdelijk)
8. Doodstraf. (Mensen van adel worden onthoofd, met mensen zonder adellijk bloed mag de rechter naar eigen goeddunken handelen.)
NRP : De doodstraf zal enkel worden opgelegd indien wordt voldaan aan de daarvoor geldende Keizerlijke regels. Zij die hun personage niet willen zien sterven zullen een lichamelijke straf krijgen (-10 bij elke eigenschap en volledig verlies van charisma.)
9. In geval van struikroverij, kan de rechter eisen dat hij die schuldig werd bevonden het slachtoffer moet vergoeden en alle gestolen goederen en/of geld moet terug bezorgen aan het slachtoffer. Dit indien het slachtoffer duidelijk kan aantonen dat hij de betreffende goederen en gelden ook daadwerkelijk in zijn bezit had voor de overval. Indien hij dit niet kan, zal de rover 50 florijnen schadevergoeding moeten betalen aan het slachtoffer. Indien het slachtoffer is overvallen door een groep zal diezelfde 50 florijnen vergoed moeten worden door elk aanwezig geweeste overvaller. Indien de beklaagde kan aantonen dat de buit minder dan 50 fl was, zal de boete verminderd worden.

Artikel 6.1.

Als de Rechter een publieke sanctie of een andere RP-straf wil opleggen moet hij voor zijn vonnis te vellen aan de beklaagde vragen of hij deze zal uitvoeren, bij weigering moet hij een andere straf opleggen.

Artikel 7.

De herhaling van een misdrijf heeft een zwaardere straf tot gevolg.

Artikel 8.1

Het bezitten van een strafblad kan aanleiding geven tot een zwaardere straf.

Artikel 8.

Een bekentenis wordt als een verzachtende omstandigheid beschouwd .

Artikel 9.

Zowel rechtstreekse als onrechtstreekse deelname aan een misdrijf is strafbaar.

Artikel 10.

Het belemmeren van de goede werking van het gerecht tijdens het onderzoek, de berechting of de uitvoering is een misdrijf.

Artikel 11.

De Rechter kan rekening houden met de persoonlijke situatie van de beklaagde bij het bepalen van de straf.

Artikel 12.

De Graaf kan als hoogste autoriteit van het Graafschap enkel berecht worden door het Keizerlijk Hooggerechtshof.

Op. 2. Over Slavernij.

Artikel 1.

Iedere Hollander heeft het recht op een degelijk minimumloon. Dit minimumloon is 14 florijnen. Iedere persoon die iemand aanwerft voor een salaris onder de 14 florijnen zal als slavendrijver worden beschouwd.

Artikel 1a.
Het is verboden een poging te doen iemand aan te nemen voor een loon beneden de 14 florijnen. Deze overtreding doet de veldwacht ten eerste male af met een waarschuwing.

Artikel 2.

De veldwacht biedt iedere slavendrijver een minnelijke schikking aan. De minnelijke schikking bedraagt het verschil tussen het feitelijk loon en het wettelijk minimumloon. De veldwacht keert dit bedrag na ontvangst zo mogelijk uit aan het slachtoffer. Indien de slavendrijver niet meewerkt aan een schikking kan de OA hem dagvaarden.

Artikel 3.

De straf voor slavernij bedraagt tenminste een boete aan de Keizer of schadevergoeding aan het slachtoffer ter hoogte van het verschil tussen het gegeven salaris en het minimaal vereiste salaris.

Op. 3. Over Oplichting.

Artikel 1.

Eenieder die aan een ander door misleiding schade toebrengt voor eigen profijt wordt vervolgd voor oplichting en is naast eventuele andere straffen verplicht deze schade te vergoeden.

Artikel 2.

Wordt beschouwd als oplichting : De plundering van dorp of graafschap. De plundering van een dorp, is de doorverkoop op grote schaal van goederen van het dorp, idem voor bij het graafschap. De schuldige kan de zwaarste straffen riskeren, naargelang de appreciatie van de openbare aanklager en de mildheid van de rechter en naargelang de ernst van de zaak.

Artikel 3.

De verkoop van een akker door middel van een valse aanbieding wordt beschouwd als oplichting. De boete is equivalent aan de prijs voor dewelke de koper het terrein heeft aangekocht en kan samengaan met gevangenisstraffen of publieke sancties.

Artikel 4.

Elke persoon die contracten en/of akkoorden van handelsaard getekend heeft met het Graafschap of een stad en deze niet naleeft, zal vervolgd worden voor oplichting.

Artikel 4.1.

Het gebruik van mandaten van een stad of het Graafschap voor eigen profijt is strafbaar.

Artikel 5.

Burgers van het Graafschap Holland kunnen onderling handelscontracten afsluiten en rechtspersonen oprichten na goedkeuring van een charter door de Raad.

Artikel 6.

Elke persoon die de eigenaar is van een herberg uit Holland moet verplicht verblijven in het dorp waar de herberg zich bevind. Indien de eigenaar wenst te verhuizen, moet hij zijn etablissement voor zijn vertrek sluiten. De beschuldigde riskeert een boete bij het niet naleven van deze wet.

Artikel 6.1

Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Op. 4. Over Verstoring van de Openbare Orde.

Artikel 1.

Iedere verstoring van de openbare orde of de goede zeden zal vervolgd worden voor verstoring van de openbare orde. Het overtreden van graafschappelijke regelgeving als bedoeld in de grondwet zal worden vervolgd voor verstoring van de openbare orde, tenzij uitdrukkelijk anders is vermeld.

Artikel 2.

Elke dreiging naar een burger toe zal beschouwd worden als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3.

Eerroof wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3.1.

Onder eerroof wordt verstaan: het verspreiden van valse informatie met als voornaamste doel het schaden van iemands reputatie

Artikel 3.2.

In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

Artikel 3.3.

Het beledigen van een persoon met een officiŽle functie in de uitoefening van zijn functie wordt beschouwd als eerroof.

Artikel 3.4.

Eerroof wordt slechts vervolgd wanneer het slachtoffer klacht indient.

Artikel 4.

Elke vorm van vervalsing van bewijzen wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 4.1.

Elke vorm van meineed of vrijwillig verzuim als getuige in een rechtszaak geldt als vervalsing van bewijzen.

Artikel 4.2.

Als meineed geldt: het geven van foute verklaringen of het achterhouden van voor de zaak cruciale informatie bij het getuigen in de rechtbank

Artikel 5.

Er worden enkel screenshots van het volledige beeld als bewijsmateriaal aanvaard, waarbij "Wees welgekomen 'naam'" duidelijk zichtbaar moet zijn en niets aan de screenshots veranderd mag zijn. Ook moeten de vensters zo geplaatst worden, dat het niet de gebeurtenissen overlapt.

Artikel 6.

Elke persoon die zich vrijwillig laat aanwerven voor een salaris dat niet voldoet aan de wetten of decreten van het Graafschap of dorp, met als doel winstbejag dankzij de rechtszaak zal beschuldigd worden van verstoring van de openbare orde.

Artikel 7.

Roverij stemt overeen met een diefstal van goederen en/of florijnen van een ander persoon, op de Hollandse wegen en geldt als verstoring van de openbare orde.

Artikel 7.1.

Een mislukte roverij, wordt als roverij berecht.

Artikel 8.

Elke persoon die een ander persoon verwondt zonder dat deze persoon hem/haar heeft aangevallen wordt vervolgd voor verstoring van de openbare orde.

Artikel 9.

Elke weigering en elke bewuste of onbewuste vorm van nalatigheid of verzuim om de uitspraak van de rechter na te leven of om een voorwaarde opgelegd door de rechter voor de voorwaardelijke invrijheidsstelling na te leven, zoals vermeld in het vonnis, zal bestraft worden met een nieuw proces voor verstoring van de openbare orde. De beklaagde zal automatisch een celstraf van minstens 3 dagen krijgen en indien de rechtbank het nodig acht ook een bijkomende straf krijgen.

Artikel 10.

Iedere persoon die op de verbanningslijst van het Graafschap staat, en die het grondgebied van Holland betreedt zal aangeklaagd worden wegens verstoring van de openbare orde.

Artikel 10.1

De Raad kan mensen op een verbanningslijst zetten na een stemming met meerderheid.

Artikel 11.

Het niet naleven van de taalwetgeving zal bestraft worden met een officiŽle waarschuwing van de veldwacht. Als de overtreder na waarschuwing door de veldwacht blijft volharden in het spreken van een vreemde taal dan kan de Openbaar Aanklager hem vervolgen.

Artikel 12.

Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de Raad, een Burgemeester of een Veldwachter door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.

Artikel 13

Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen, opgelegd door een wettig verkozen burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

Artikel 13.1

De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 11 en een belastingschuld kwijtschelden.

Artikel 14

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of de Graaf van Holland, op het Hollandse grondgebied tot en met Leiden te bevinden op straffe van verstoring van de openbare orde.

Artikel 14.1

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Graaf van Holland, te bevinden in Haarlem en Amsterdam op straffe van verstoring van de openbare orde.

Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Artikel 1.

Een misdaad zal beschouwd worden als verraad wanneer de misdaad begaan is door een niet-beŽdigd persoon, en als hoogverraad wanneer ze is begaan door een persoon beŽdigd door/van het graafschap

De hoogste straffen kunnen uitgesproken worden voor zaken van verraad en hoogverraad.

Artikel 2.

Elke poging van een resident van het graafschap Holland ondernomen tegen de Hollandse instellingen, of elke verspreiding van militaire, politieke of economische informatie en gegevens met als doel de verzwakking van of het toebrengen van schade aan het Graafschap Holland en zijn lokale instituten, voornamelijk door verlies van grondgebied, populatie, sociale stabiliteit, politieke soevereniteit of economische autonomie, zal als verraad beschouwd worden.

Artikel 3.

Eenieder die aan een onbevoegd persoon geheime informatie verstrekt zal als (hoog)verrader beschouwd worden.

Artikel 3.1.

Alle informatie die een raadslid vanwege zijn ambt verwerft wordt beschouwd als geheime informatie, doch voorstellen en wetsvoorstellen die een partij indient in de raad mogen ten alle tijden besproken worden binnen de muren van zijn partij, doch niet in het openbaar zijnde marktpleinen(forum), herbergen en ander publieke plaatsen.
De Graaf of de raad kan ten alle tijden beslissen dat een onderwerp geheim moet blijven en niet buiten de muren van de raad mag besproken worden. Als informatie van vertrouwelijke aard, die niet buiten de Raad besproken mag worden, wordt in ieder geval gezien concrete cijfers over de inhoud van de schatkist, het provinciale warenhuis of de wapenkamer en informatie over handelsroutes en militaire strategieŽn .

Artikel 3.2

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.
De Graaf of de Raad kan ermee instemmen dat geheime of vertrouwelijke informatie aan een commissie wordt verstrekt die werkt aan een door de Raad vastgesteld doel. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Artikel 4.

Elke inwoner die weigert zich te onderwerpen aan een beslissing van de Raad zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 5.

Elk gebruik van een officiŽle functie met als doel zichzelf of medeplichtigen onrechtmatig te verrijken wordt beschouwd als hoogverraad.

Artikel 6.

Elke openbare aanklager en elke rechter heeft de plicht om, indien de openbare aanklager oordeelt dat de aangebrachte elementen volstaan voor een rechtszaak, een rechtszaak op te starten en een gemotiveerde beslissing (vonnis, veroordeling, Ö) te nemen, op straffe van verraad.

Artikel 7.

Gedurende zijn mandaat mag geen enkele burgemeester of de Graaf, om het goede verloop van het democratisch proces te garanderen, zich publiekelijk uitspreken voor een kandidaat bij verkiezingen, behalve bij zijn eigen herverkiezing, op straffe van verraad.

Artikel 8.

Elk Raadslid of burgemeester die weigert trouw te zweren aan de Graaf zal beschouwd worden als hoogverrader.

Artikel 9.

Elke resident van Holland heeft de plicht mee te helpen met de verdediging van Holland binnen de mate van zijn capaciteiten, in geval van een aanval of oorlog gevoerd tegen Holland. Elke persoon die weigert zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 10.

Poging tot omkoping en omkoping van een persoon met een officiŽle functie geldt als (hoog)verraad.

Artikel 11.

Elke burgemeester moet zijn macht en positie gebruiken voor het welzijn van zijn gemeenschap en dorp, en niet voor zijn eigen welzijn. Het niet hiervan naleven zal beschouwd worden als verraad.

Elke raadslid, graaf inclusief, moet zijn macht en positie gebruiken voor het welzijn van het graafschap, en niet voor eigen welzijn. Het niet hiervan naleven zal beschouwd worden als verraad.

Artikel 12.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 13.
Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 14.
Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 15.
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als hoogverraad.

Artikel 16.

Wanneer een raadslid beschuldigd wordt van hoogverraad, heeft de Graaf het recht om deze tijdelijk uit zijn functie te ontzetten.


Nieuw strafwetboek:

Citaat :
Boek II : Het strafwetboek

Op. 1. Over de definitie van misdaden, misdrijven en straffen.

Artikel 1.

De misdrijven worden onderverdeeld in de volgende categorieŽn:

Artikel 1.1.

Slavernij: Met betrekking tot de relatie tussen werkgevers en werknemers.

Artikel 1.2.

Oplichting: Met betrekking tot een onwettige verrijking.

Artikel 1.3.

Verstoring van de Openbare Orde:
- Elke gedraging die een aanslag is op de fysieke en/of morele integriteit van een persoon of groep.

- Elke gedraging die de openbare orde of de goede werking van de gemeenschap verstoord.

Artikel 1.4.

(Hoog)verraad:
Elke gedraging die het graafschap in brede zin schade berokkent. Een misdrijf wordt beschouwd als hoogverraad wanneer de dader een officiŽle functie in het graafschap bekleed en als verraad wanneer de dader geen officiŽle functie bekleed.

Artikel 1.5.

Hekserij : Wat betrekking heeft tot het kerkelijk recht.

Artikel 2.

Met graafschap in brede zin wordt bedoeld: de Graaf, de Raadsleden, de door het Graafschap beŽdigde personen, de Burgemeesters, het leger, een significant deel van zijn bevolking, alle publieke bezittingen van het Graafschap, al de instellingen van het Graafschap en zijn symbolische waarden en bezittingen.

Artikel 2.1

Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, veldwachters en handelaren. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie.

Artikel 3.

Iedereen op Hollands grondgebied kan aangeklaagd worden op voorwaarde dat er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan, dit beoordeeld de Openbaar Aanklager.

Artikel 3.1.

Bij betwisting over het oordeel van de Openbaar Aanklager beslist de Graaf of er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan.

Artikel 4.

De volgende straffen kunnen worden uitgesproken. (Van licht naar zwaar gerangschikt)
1. Publieke sancties (publieke excuses, schandpaal,Ö)
2. FinanciŽle sancties (Schadevergoedingen, terugbetalingen, boetes,Ö)
2.1. De Rechter kan besluiten om de boete aan het Graafschap of een andere instelling of persoon te laten betalen.
3. Sancties van gemeenschapsdienst (De veroordeelde een actie laten ondernemen die voordelig is voor de gemeenschap)
4. Lichte gevangenisstraffen (Gevangenisstraf van maximum 3 dagen).
5. Zware gevangenisstraffen (Gevangenisstraf van meer dan 3 dagen).
6. Lichamelijke sancties (zweepslagen, geselen, Ö.).
7. Verbanning (al dan niet tijdelijk)
8. Doodstraf. (Mensen van adel worden onthoofd, met mensen zonder adellijk bloed mag de rechter naar eigen goeddunken handelen.)
NRP : De doodstraf zal enkel worden opgelegd indien wordt voldaan aan de daarvoor geldende Keizerlijke regels. Zij die hun personage niet willen zien sterven zullen een lichamelijke straf krijgen (-10 bij elke eigenschap en volledig verlies van charisma.)
9. In geval van struikroverij, kan de rechter eisen dat hij die schuldig werd bevonden het slachtoffer moet vergoeden en alle gestolen goederen en/of geld moet terug bezorgen aan het slachtoffer. Dit indien het slachtoffer duidelijk kan aantonen dat hij de betreffende goederen en gelden ook daadwerkelijk in zijn bezit had voor de overval. Indien hij dit niet kan, zal de rover 50 florijnen schadevergoeding moeten betalen aan het slachtoffer. Indien het slachtoffer is overvallen door een groep zal diezelfde 50 florijnen vergoed moeten worden door elk aanwezig geweeste overvaller. Indien de beklaagde kan aantonen dat de buit minder dan 50 fl was, zal de boete verminderd worden.

Artikel 5.

De herhaling van een misdrijf heeft een zwaardere straf tot gevolg.

Artikel 6.

Een bekentenis wordt als een verzachtende omstandigheid beschouwd .

Artikel 7.

Zowel rechtstreekse als onrechtstreekse deelname aan een misdrijf is strafbaar.

Artikel 8.

Het belemmeren van de goede werking van het gerecht tijdens het onderzoek, de berechting of de uitvoering is een misdrijf.

Artikel 9.

De Rechter kan rekening houden met de persoonlijke situatie van de beklaagde bij het bepalen van de straf.

Artikel 10.

De Graaf kan als hoogste autoriteit van het Graafschap enkel berecht worden door het Keizerlijk Hooggerechtshof.

Op. 2. Over Slavernij.

Artikel 1.

Iedere Hollander heeft het recht op een degelijk minimumloon. Dit minimumloon is 14 florijnen. Iedere persoon die iemand aanwerft voor een salaris onder de 14 florijnen zal als slavendrijver worden beschouwd.

Artikel 1.1.
Het is verboden een poging te doen iemand aan te nemen voor een loon beneden de 14 florijnen. Deze overtreding doet de veldwacht ten eerste male af met een waarschuwing.

Artikel 2.

De veldwacht biedt iedere slavendrijver een minnelijke schikking aan. De minnelijke schikking bedraagt het verschil tussen het feitelijk loon en het wettelijk minimumloon. De veldwacht keert dit bedrag na ontvangst zo mogelijk uit aan het slachtoffer. Indien de slavendrijver niet meewerkt aan een schikking kan de OA hem dagvaarden.

Artikel 3.

De straf voor slavernij bedraagt tenminste een boete aan de Keizer of schadevergoeding aan het slachtoffer ter hoogte van het verschil tussen het gegeven salaris en het minimaal vereiste salaris.

Op. 3. Over Oplichting.

Artikel 1.

Eenieder die aan een ander door misleiding schade toebrengt voor eigen profijt wordt vervolgd voor oplichting en is naast eventuele andere straffen verplicht deze schade te vergoeden.

Artikel 2.

Wordt beschouwd als oplichting : De plundering van dorp of graafschap. De plundering van een dorp, is de doorverkoop op grote schaal van goederen van het dorp, idem voor bij het graafschap. De schuldige kan de zwaarste straffen riskeren, naargelang de appreciatie van de openbare aanklager en de mildheid van de rechter en naargelang de ernst van de zaak.

Artikel 3.

De verkoop van een akker door middel van een valse aanbieding wordt beschouwd als oplichting. De boete is equivalent aan de prijs voor dewelke de koper het terrein heeft aangekocht en kan samengaan met gevangenisstraffen of publieke sancties.

Artikel 3.1.

Het gebruik van mandaten van een stad of het Graafschap voor eigen profijt is strafbaar.

Artikel 4.

Burgers van het Graafschap Holland kunnen onderling handelscontracten afsluiten en rechtspersonen oprichten na goedkeuring van een charter door de Raad.

Op. 4. Over Verstoring van de Openbare Orde.

Artikel 1.

Iedere verstoring van de openbare orde of de goede zeden zal vervolgd worden voor verstoring van de openbare orde.

Artikel 2.

Elke dreiging naar een burger toe zal beschouwd worden als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3.

Eerroof wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3.1.

Onder eerroof wordt verstaan: het verspreiden van valse informatie met als voornaamste doel het schaden van iemands reputatie

Artikel 3.2.

In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

Artikel 3.3.

Het beledigen van een persoon met een officiŽle functie in de uitoefening van zijn functie wordt beschouwd als eerroof.

Artikel 3.4.

Eerroof wordt slechts vervolgd wanneer het slachtoffer klacht indient.

Artikel 4.

Elke vorm van vervalsing van bewijzen wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 4.1.

Elke vorm van meineed of vrijwillig verzuim als getuige in een rechtszaak geldt als vervalsing van bewijzen.

Artikel 4.2.

Als meineed geldt: het geven van foute verklaringen of het achterhouden van voor de zaak cruciale informatie bij het getuigen in de rechtbank

Artikel 5.

Elke persoon die zich vrijwillig laat aanwerven voor een salaris dat niet voldoet aan de wetten of decreten van het Graafschap of dorp, met als doel winstbejag dankzij de rechtszaak zal beschuldigd worden van verstoring van de openbare orde. Men wordt geacht zich vrijwillig te laten aanwerven indien men tweemaal op een slavernijvacature ingaat. Het recht op vergoeding vervalt en het verschil tussen het geboden bedrag en het minimumloon komt ten goede aan het graafschap.

Artikel 6.

Roverij stemt overeen met een diefstal van goederen en/of florijnen van een ander persoon, op de Hollandse wegen en geldt als verstoring van de openbare orde.

Artikel 6.1.

Een mislukte roverij, wordt als roverij berecht.

Artikel 7.

Het niet naleven van de taalwetgeving zal bestraft worden met een officiŽle waarschuwing van de veldwacht. Als de overtreder na waarschuwing door de veldwacht blijft volharden in het spreken van een vreemde taal dan kan de Openbaar Aanklager hem vervolgen.

Artikel 8.

Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de Raad, een Burgemeester of een Veldwachter door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.

Artikel 9

Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen, opgelegd door een wettig verkozen burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

Artikel 9.1

De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 9 en een belastingschuld kwijtschelden.

Artikel 10

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of de Graaf van Holland, op het Hollandse grondgebied tot en met Leiden te bevinden op straffe van verstoring van de openbare orde.

Artikel 10.1

Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Graaf van Holland, te bevinden in Haarlem en Amsterdam op straffe van verstoring van de openbare orde.

Artikel 11.

Elke weigering en elke bewuste of onbewuste vorm van nalatigheid of verzuim om de uitspraak van de rechter na te leven of om een voorwaarde opgelegd door de rechter voor de voorwaardelijke invrijheidsstelling na te leven, zoals vermeld in het vonnis, zal bestraft worden met een nieuw proces voor verstoring van de openbare orde. De beklaagde zal automatisch een celstraf van minstens 3 dagen krijgen en indien de rechtbank het nodig acht ook een bijkomende straf krijgen.

Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Artikel 1.

De hoogste straffen kunnen uitgesproken worden voor zaken van verraad en hoogverraad.

Artikel 2.

Eenieder die aan een onbevoegd persoon geheime informatie verstrekt zal als (hoog)verrader beschouwd worden.

Artikel 2.1.

Alle informatie die een raadslid vanwege zijn ambt verwerft wordt beschouwd als geheime informatie, doch voorstellen en wetsvoorstellen die een partij indient in de raad mogen ten alle tijden besproken worden binnen de muren van zijn partij, doch niet in het openbaar zijnde marktpleinen(forum), herbergen en ander publieke plaatsen.
De Graaf of de raad kan ten alle tijden beslissen dat een onderwerp geheim moet blijven en niet buiten de muren van de raad mag besproken worden. Als informatie van vertrouwelijke aard, die niet buiten de Raad besproken mag worden, wordt in ieder geval gezien concrete cijfers over de inhoud van de schatkist, het provinciale warenhuis of de wapenkamer en informatie over handelsroutes en militaire strategieŽn .

Artikel 2.2

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.
De Graaf of de Raad kan ermee instemmen dat geheime of vertrouwelijke informatie aan een commissie wordt verstrekt die werkt aan een door de Raad vastgesteld doel. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Artikel 3.

Elke inwoner die weigert zich te onderwerpen aan een beslissing van de Raad zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 4.

Gedurende zijn mandaat mag geen enkele burgemeester of de Graaf, om het goede verloop van het democratisch proces te garanderen, zich publiekelijk uitspreken voor een kandidaat bij verkiezingen, behalve bij zijn eigen herverkiezing, op straffe van verraad.

Artikel 5.

Elke resident van Holland heeft de plicht mee te helpen met de verdediging van Holland binnen de mate van zijn capaciteiten, in geval van een aanval of oorlog gevoerd tegen Holland. Elke persoon die weigert zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 6.

Poging tot omkoping en omkoping van een persoon met een officiŽle functie geldt als (hoog)verraad.

Artikel 7.

Het overtreden van de Grondwet van het Graafschap Holland wordt, tenzij specifiek anders vermeld, beschouwt als (hoog)verraad.

Artikel 8.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 9.
Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 10.
Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 11.
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als hoogverraad.

Artikel 12.

Wanneer een raadslid beschuldigd wordt van hoogverraad, heeft de Graaf het recht om deze tijdelijk uit zijn functie te ontzetten.

Memorie van toelichting:

Citaat :
Nadat we enkele fouten in het strafwetboek hadden ontdekt, en enkele fouten in de aankondigingen en memories van toelichting van bepaalde wetsveranderingen tussen het oude strafwetboek en het huidige, hebben we het "Strafwetboek zoals het nu zou moeten zijn" opgesteld. Dat is het officieel juiste strafwetboek van dit moment.

Hierna hebben we onze meningen gegeven en een nieuw strafwetboek gemaakt, met de nodige op- en aanmerkingen, hiervan ziet u hieronder de uitleg waarom de veranderingen zijn gedaan (er is altijd de nummering van de vertrekversie gebruikt, tenzij bij nieuwe artikels);

- Volgende Artikels zijn uit het boek gehaald omdat ze elders al vermeld stonden (zij het in hetzelfde boek op een andere plek, in een ander boek of in het Keizerlijk Handvest der Rechters);

Opus 1, Artikels 1, 2 & 6.1
Opus 3, Artikel 6
Opus 5, Artikels 1, 2, 5, 6 & 8

- Artikel 1 van Opus 4 is aangepast en er is een nieuw Artikel 7 in Opus 5 om overtredingen op de grondwet, die allemaal serieus te nemen zijn, te bestraffen.

- Artikel 5 van Opus 4 is verwijdert omdat het thuishoort in Boek IV, niet in Boek II.

- Artikel 6 van opus 4 is gewijzigd om het te verduidelijken.

- Artikel 10.1 van Opus 4 is verwijdert omdat PNG niet mag van de Keizer en omdat verder enkel de Rechter verbanningen kan uitspreken in een vonnis.

- De nummering over het gehele boek is aangepast om weer volledig in orde te komen na alle toevoegingen en verwijderingen.
Was getekend op 13 september van het Jaar des Herens 1457,
Gautran Dirk-Jan de Mťrode de Guilliotine,
Woordvoerder namens de Raad van Holland.


Citaat :
De Raad deelt mee dat de volgende wijziging in het strafwetboek heeft plaatsgevonden:
Citaat :

Bij het volgende artikel miste de memorie van toelichting:
Citaat :
Op. 1. Artikel 3.1.

Bij betwisting over het oordeel van de Openbaar Aanklager beslist de Graaf of er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan.
De Raad deel hierbij de memorie van toelichting mee:
Citaat :
Memorie van Toelichting
Dit artikel zorgt ervoor dat de Openbare Aanklager niet kan doen en laten wat deze wil, tevens zorgt het ervoor dat de Graaf de Openbare Aanklager kan bijstaan in moeilijke gevallen.

Getekend op 17 oktober van het Jaar des Herens 1457,



An Mathilde van Eckhardt Connor


Citaat :
Wetswijziging Strafwetboek

Oud artikel:

Citaat :
Boek II, Opus 4, artikel 5

Elke persoon die zich vrijwillig laat aanwerven voor een salaris dat niet voldoet aan de wetten of decreten van het Graafschap of dorp, met als doel winstbejag dankzij de rechtszaak zal beschuldigd worden van verstoring van de openbare orde. Men wordt geacht zich vrijwillig te laten aanwerven indien men tweemaal op een slavernijvacature ingaat. Het recht op vergoeding vervalt en het verschil tussen het geboden bedrag en het minimumloon komt ten goede aan het graafschap.

Nieuw artikel:

Citaat :
Boek II, Opus 4, artikel 5

Elke persoon die zich meer dan eenmaal vrijwillig laat aanwerven voor een salaris dat niet voldoet aan de wetten of decreten van het Graafschap zal beschuldigd worden van verstoring van de openbare orde. Als men meer dan eenmaal op een slavernijvacature ingaat, komt het recht op een vergoeding te vervallen, deze zal ten goede komen aan het Graafschap
Citaat :
Memorie van Toelichting

Omdat het niet altijd aantoonbaar is of men op winstbejag uit is en om het duidelijker te maken, hebben we dit artikel aangepast.


Getekend op 26 oktober van het Jaar des Herens 1457,



An Mathilde van Eckhardt Connor


Citaat :
[rp]Aankondiging

De raad deelt mee;

- De annulering van de herbergwet;

Fleury schreef:
Citaat :
De Herbergwet

Opus 1

Artikel 1
Wekelijks wordt er een tax van 20 florijnen van alle bezitters van een herberg geheven. De bezitters van een herberg dienen deze taxen zodanig te voldoen dat zij nooit een schuld hebben openstaan gelijk aan 60 florijnen of meer. Het handelen in strijd met dit artikel wordt beschouwd als oplichting.

Artikel2
Veldwachters zijn bevoegd om deze betalingen te controleren via screenshots met daarin het profiel van de herbergier plus datum. Een verzuim om een screenshot te leveren binnen een door de veldwacht gestelde, redelijke termijn wordt beschouwd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3
Herbergbezitters zijn vrijgesteld van het betalen van taxen op grond van artikel 2 van deze wet zolang zij in het klooster verblijven. Zodra de herbergbezitter terugkeert uit het klooster dient hij onmiddellijk aan zijn verplichtingen op grond van deze wet te voldoen.

Artikel 4
Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Opus 2

Artikel 1
Indien een overtreding van de herbergwet is vastgesteld, maakt men zich schuldig aan 'oplichting'.

Artikel 2
De rechter legt een herbergbezitter die heeft gehandeld in strijd met deze wet geen straf op, indien de herbergbezitter uiterlijk bij zijn laatste pleidooi aantoont dat hij zijn herberg heeft gesloten. Wel draagt de herbergbezitter de administratiekosten van het proces.


gewijzigd: schrappen artikel 1 (eigenaar van een herberg moet inwoner zijn van de stad waar herberg is gevestigd) door Xeado van den Kasteele op 18 mei 1457

gewijzigd: goede versie geplaatst 21 mei Karanda
Aangepast door Lara Callisto Tailleur op 26 september 1457, Op 1 artikel 5 toegevoegd.
Aangepast door Lara Callisto Tailleur op 6 november 1457, de gehele nummering

Citaat :
Memorie van toelichting
De herbergwet bestaat uit een aantal artikelen die niet hoognodig een eigen wetboek nodig hebben. Om die reden wordt de herbergwet geschrapt en de relevante artikelen verplaatst naar de andere wetboeken. Zie hieronder.

- Een toevoeging en aanpassing op de belastingwet;

Jrkboy schreef:
Citaat :
Belastingswet

Artikel 1

De Graafschappelijke Raad kan bepalen dat een belasting wordt geheven aan de inwoners van Holland. De Raad stelt vast: de frequentie van de belasting, de hoogte van de belasting, en het soort veldtype en/of ambacht die belast worden.

Artikel 2.

De Burgemeester is verplicht een door de Raad opgelegde belasting te heffen. De Burgemeester moet de opbrengsten van deze belasting afdragen aan de Raad. De Burgemeester mag als compensatie voor de kosten van belastingheffing 12,50 florijnen (5 staatspunten) aftrekken van het te betalen bedrag.

Artikel 2.1

De Burgemeester is bevoegd in aanvulling op de provinciale belasting ook een eigen stedelijke belasting te heffen. De Burgemeester bepaalt zelf de hoogte van deze stedelijke belasting. De Burgemeester moet de inning van deze belasting tenminste twee dagen van tevoren aankondigen, met de hoogte van de stedelijke belasting en de reden voor de stedelijke belasting.

Artikel 2.2

De Burgemeester dient de belastingen binnen 22 dagen na de eerste heffing aan de Graafschappelijke Raad over te maken. Indien de Burgemeester weigert de belastingen te heffen en/of af te dragen aan de Graafschappelijke Raad zal die conform de grondwet aangeklaagd worden.

Artikel 3

De Graafschappelijke Raad heeft de belasting vastgesteld op 10 fl per vastgoed. Dit is ongeacht of het een veld of ambacht is. Tevens is er geen onderscheid tussen de verschillende ambachten en velden. Deze belasting moet iedere eerste dag van de maand worden geheven. De Burgemeesters mogen enkel een afwijkende dag instellen na toestemming van de Graafschappelijke Raad.

Artikel 3.1.

Bij wijze van uitzondering, kan een eenmalige verandering in het provinciale belastingbeleid, inclusief het opheffen of instellen van belastingen, plaatsvinden. Deze moet door de Woordvoerder worden bekendgemaakt. De wijziging wordt voorzien van uitleg in de vorm van een memorie van toelichting. De Woordvoerder moet een wijziging tenminste twee dagen van tevoren aankondigen. In elke andere situatie geldt artikel 3.

Artikel 4

De Tollenaar maakt, op de dag dat er belastingen geheven worden, een overzicht van het totale aantal velden en ambachten aan de hand van het bevolkingsregister, evenals een overzicht van de burgers die in het klooster verblijven. De Tollenaar maakt, op basis van deze overzichten, een berekening van de belasting die de stad moet afdragen (quotum).

Artikel 5

Na het verstrijken van de 8 dagen, vraagt de Tollenaar om een lijst met wanbetalers bij de Burgemeester. De Tollenaar geeft wanbetalers een herinnering, indien hieraan geen gevolg wordt gegeven zullen zij vervolgd worden, zoals beschreven in de Strafwet. Van het quotum, zoals beschreven in art. 4, zullen de schulden van kloostergangers, doden en wanbetalers afgehouden worden, waarna men spreekt van definitief quotum.

Artikel 6

De Tollenaar publiceert het definitieve quotum in zijn kantoor, opdat de Minister van Handel en Burgemeester het kunnen nakijken. De Burgemeester dient hiervan door de Tollenaar per brief op de hoogte gesteld te worden. Vijftien dagen na het instellen van de belasting, krijgt de Burgemeester een mandaat waarmee hij de ontvangen belastingen kan afdragen.

Artikel 7

Iedere Hollander is verplicht provinciale en/of stedelijke belastingen, opgelegd door de Graafschappelijke Raad en/of een wettig verkozen Burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

Artikel 7.1

De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 7. en een belastingschuld kwijtschelden. Dit wordt aangekondigd bij de tollenaars en in het wekelijkse verslag.

Opus 2; over herberg belastingen

Artikel 1
Wekelijks wordt er een tax van 20 florijnen van alle bezitters van een herberg geheven. De bezitters van een herberg dienen deze taxen zodanig te voldoen dat zij nooit een schuld hebben openstaan gelijk aan 60 florijnen of meer. Het handelen in strijd met dit artikel wordt beschouwd als oplichting.

Artikel 2
Veldwachters zijn bevoegd om deze betalingen te controleren via screenshots met daarin het profiel van de herbergier plus datum. Een verzuim om een screenshot te leveren binnen een door de veldwacht gestelde, redelijke termijn wordt beschouwd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3
Herbergbezitters zijn vrijgesteld van het betalen van taxen op grond van artikel 2 van deze wet zolang zij in het klooster verblijven. Zodra de herbergbezitter terugkeert uit het klooster dient hij onmiddellijk aan zijn verplichtingen op grond van deze wet te voldoen.

Citaat :
Memorie van toelichting;
Met de annulering van de herbergwet blijft de nood bestaan om de belastingen van de herbergen te verankeren in ons juridische systeem. Logischerwijs is opus 2 van de herbergwet verplaatst naar de belastingwet.


- Een toevoeging op de strafwet, opus 3 over oplichting;

Citaat :
Op. 3. Over Oplichting.

Artikel 1.

Eenieder die aan een ander door misleiding schade toebrengt voor eigen profijt wordt vervolgd voor oplichting en is naast eventuele andere straffen verplicht deze schade te vergoeden.

Artikel 2.

Wordt beschouwd als oplichting : De plundering van dorp of graafschap. De plundering van een dorp, is de doorverkoop op grote schaal van goederen van het dorp, idem voor bij het graafschap. De schuldige kan de zwaarste straffen riskeren, naargelang de appreciatie van de openbare aanklager en de mildheid van de rechter en naargelang de ernst van de zaak.

Artikel 3.

De verkoop van een akker door middel van een valse aanbieding wordt beschouwd als oplichting. De boete is equivalent aan de prijs voor dewelke de koper het terrein heeft aangekocht en kan samengaan met gevangenisstraffen of publieke sancties.

Artikel 3.1.

Het gebruik van mandaten van een stad of het Graafschap voor eigen profijt is strafbaar.

Artikel 3.2.
Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.


Artikel 4.

Burgers van het Graafschap Holland kunnen onderling handelscontracten afsluiten en rechtspersonen oprichten na goedkeuring van een charter door de Raad.

Citaat :
Memorie van toelichting;
Artikel 4 uit de herbergwet is een artikel dat de consument moet beschermen en onder oplichting valt. Om die reden is het verplaatst naar de strafwet.

Getekend op 25 februari van het Jaar des Herens 1458,





Namens de raad van Holland,
Anesha dela Mendoza
Woordvoerder [/rp]

Citaat :
[rp]Aankondiging

De raad deelt mee een wijzing in het strafwetboek.

Oud:

Citaat :
Boek II: Strafwetboek
Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.
Artikel 4.

Gedurende zijn mandaat mag geen enkele burgemeester of de Graaf, om het goede verloop van het democratisch proces te garanderen, zich publiekelijk uitspreken voor een kandidaat bij verkiezingen, behalve bij zijn eigen herverkiezing, op straffe van verraad.

Nieuw:

Citaat :
Boek II: Strafwetboek
Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.
Artikel 4

Gedurende zijn mandaat mag geen enkele burgemeester of de Graaf, om het goede verloop van het democratisch proces te garanderen, zich publiekelijk uitspreken voor een kandidaat bij verkiezingen, behalve bij zijn eigen herverkiezing, op straffe van Hoogverraad.

Artikel 4.1.

In geval van de Graaf kan deze zich niet beroepen op Op. 1 Artikel 6.


Citaat :
Memorie van Toelichting:
Voor een Graaf of Burgemeester is het altijd Hoogverraad. Het oude artikel was hieraan tegenstrijdig en is daarom aangepast.

Getekend op 7 augustus van het Jaar des Herens 1458,



Namens de raad van Holland,
Alyssa Ciara Connor de Mťrode
Gravin van Holland
[/rp]

Citaat :
[rp]Aankondiging

Het behaagt de Raad van Holland u mede te delen dat Artikel 4 uit Opus 5, Over Verraad en Hoogverraad, uit het Strafwetboek is verwijderd. Artikel 5 zal nu Artikel 4 worden en zo verder, ten bate van de logische nummering.

Oude Opus 5:

Citaat :

Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Artikel 1.

De hoogste straffen kunnen uitgesproken worden voor zaken van verraad en hoogverraad.

Artikel 2.

Eenieder die aan een onbevoegd persoon geheime informatie verstrekt zal als (hoog)verrader beschouwd worden.

Artikel 2.1.

Alle informatie die een raadslid vanwege zijn ambt verwerft wordt beschouwd als geheime informatie, doch voorstellen en wetsvoorstellen die een partij indient in de raad mogen ten alle tijden besproken worden binnen de muren van zijn partij, doch niet in het openbaar zijnde marktpleinen(forum), herbergen en ander publieke plaatsen.
De Graaf of de raad kan ten alle tijden beslissen dat een onderwerp geheim moet blijven en niet buiten de muren van de raad mag besproken worden. Als informatie van vertrouwelijke aard, die niet buiten de Raad besproken mag worden, wordt in ieder geval gezien concrete cijfers over de inhoud van de schatkist, het provinciale warenhuis of de wapenkamer en informatie over handelsroutes en militaire strategieŽn .

Artikel 2.2

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.
De Graaf of de Raad kan ermee instemmen dat geheime of vertrouwelijke informatie aan een commissie wordt verstrekt die werkt aan een door de Raad vastgesteld doel. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Artikel 3.

Elke inwoner die weigert zich te onderwerpen aan een beslissing van de Raad zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 4

Gedurende zijn mandaat mag geen enkele burgemeester of de Graaf, om het goede verloop van het democratisch proces te garanderen, zich publiekelijk uitspreken voor een kandidaat bij verkiezingen, behalve bij zijn eigen herverkiezing, op straffe van Hoogverraad.

Artikel 4.1.

In geval van de Graaf kan deze zich niet beroepen op Op. 1 Artikel 6.

Artikel 5.

Elke resident van Holland heeft de plicht mee te helpen met de verdediging van Holland binnen de mate van zijn capaciteiten, in geval van een aanval of oorlog gevoerd tegen Holland. Elke persoon die weigert zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 6.

Poging tot omkoping en omkoping van een persoon met een officiŽle functie geldt als (hoog)verraad.

Artikel 7.

Het overtreden van de Grondwet van het Graafschap Holland wordt, tenzij specifiek anders vermeld, beschouwt als (hoog)verraad.

Artikel 8.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 9.
Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 10.
Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 11.
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als hoogverraad.

Artikel 12.

Wanneer een raadslid beschuldigd wordt van hoogverraad, heeft de Graaf het recht om deze tijdelijk uit zijn functie te ontzetten.

Nieuwe opus 5:

Citaat :


Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Artikel 1.

De hoogste straffen kunnen uitgesproken worden voor zaken van verraad en hoogverraad.

Artikel 2.

Eenieder die aan een onbevoegd persoon geheime informatie verstrekt zal als (hoog)verrader beschouwd worden.

Artikel 2.1.

Alle informatie die een raadslid vanwege zijn ambt verwerft wordt beschouwd als geheime informatie, doch voorstellen en wetsvoorstellen die een partij indient in de raad mogen ten alle tijden besproken worden binnen de muren van zijn partij, doch niet in het openbaar zijnde marktpleinen(forum), herbergen en ander publieke plaatsen.
De Graaf of de raad kan ten alle tijden beslissen dat een onderwerp geheim moet blijven en niet buiten de muren van de raad mag besproken worden. Als informatie van vertrouwelijke aard, die niet buiten de Raad besproken mag worden, wordt in ieder geval gezien concrete cijfers over de inhoud van de schatkist, het provinciale warenhuis of de wapenkamer en informatie over handelsroutes en militaire strategieŽn .

Artikel 2.2

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.
De Graaf of de Raad kan ermee instemmen dat geheime of vertrouwelijke informatie aan een commissie wordt verstrekt die werkt aan een door de Raad vastgesteld doel. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Artikel 3.

Elke inwoner die weigert zich te onderwerpen aan een beslissing van de Raad zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 4.

Elke resident van Holland heeft de plicht mee te helpen met de verdediging van Holland binnen de mate van zijn capaciteiten, in geval van een aanval of oorlog gevoerd tegen Holland. Elke persoon die weigert zal beschouwd worden als verrader.

Artikel 5.

Poging tot omkoping en omkoping van een persoon met een officiŽle functie geldt als (hoog)verraad.

Artikel 6.

Het overtreden van de Grondwet van het Graafschap Holland wordt, tenzij specifiek anders vermeld, beschouwt als (hoog)verraad.

Artikel 7.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 8.
Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 9.
Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 10.
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als hoogverraad.

Artikel 11.

Wanneer een raadslid beschuldigd wordt van hoogverraad, heeft de Graaf het recht om deze tijdelijk uit zijn functie te ontzetten.

Getekend op 8 december van het Jaar des Herens 1458,



Namens de Raad van Holland,

Winterstorm Connor van den Kasteele
Woordvoerder van de Raad van Holland
[/rp]

Memorie van toelichting

Dit artikel was volgens de Raad een fout geplaatst artikel, als zijnde geplaatst onder Hoogverraad. Er waren zowel stemmen voor het veranderen van deze wet naar Verstoring van de Openbare Orde, als voor verwijdering. Uiteindelijk heeft de Raad, na stemming, besloten om dit artikel in zijn geheel te verwijderen in de hoop de vrije meningsuiting meer te laten opspelen, alsook om de mensen die eigenlijk het best op de hoogte zouden moeten zijn van de situatie in hun stad of in het Graafschap de kans te geven om de in hun ogen meest geschikte kandidaat te kunnen steunen.

Winterstorm schreef:
Citaat :
[rp]Rectificatie Strafwetboek Opus 5 Artikel 4 en 4.1

Inwoners van Holland,

Eerder vandaag is aangekondigd dat Artikel 4 uit Opus 5, over Verraad en Hoogverraad, uit het Strafwetboek is verwijderd. We zijn hierbij helaas Artikel 4.1 vergeten. Deze moet ook verwijderd worden aangezien het wijst op Artikel 4.

De oude en nieuwe opus 5 kunt u vinden in de vorige aankondiging.

We hopen op uw begrip.

Getekend op 8 december van het Jaar des Herens 1458,



Namens de Raad van Holland,

Winterstorm Connor van den Kasteele
Woordvoerster van de Raad van Holland
[/rp]
Terug naar boven Go down
Lara



Aantal berichten : 4055
Registration date : 25-12-07

Personage-beschrijving
Adelijke rang: Graaf
Spierkracht:
0/0  (0/0)

BerichtOnderwerp: Re: Boek II: Strafwet   zo apr 10, 2011 11:15 pm

Rowan_j schreef:
[rp]Burgers van Holland,

De Raad van Holland stelt u bij deze op de hoogte van het volgende:
Opus 2 van de Strafwet en artikel 5 van opus 4 van de Strafwet zijn geschrapt:

Citaat :
Op. 2. Over Slavernij.

Artikel 1.

Iedere Hollander heeft het recht op een degelijk minimumloon. Dit minimumloon is 14 florijnen. Iedere persoon die iemand aanwerft voor een salaris onder de 14 florijnen zal als slavendrijver worden beschouwd.

Artikel 1.1.
Het is verboden een poging te doen iemand aan te nemen voor een loon beneden de 14 florijnen. Deze overtreding doet de veldwacht ten eerste male af met een waarschuwing.

Artikel 2.

De veldwacht biedt iedere slavendrijver een minnelijke schikking aan. De minnelijke schikking bedraagt het verschil tussen het feitelijk loon en het wettelijk minimumloon. De veldwacht keert dit bedrag na ontvangst zo mogelijk uit aan het slachtoffer. Indien de slavendrijver niet meewerkt aan een schikking kan de OA hem dagvaarden.

Artikel 3.

De straf voor slavernij bedraagt tenminste een boete aan de Keizer of schadevergoeding aan het slachtoffer ter hoogte van het verschil tussen het gegeven salaris en het minimaal vereiste salaris.

Citaat :


Citaat:
Artikel 5.

Elke persoon die zich meer dan eenmaal vrijwillig laat aanwerven voor een salaris dat niet voldoet aan de wetten of decreten van het Graafschap zal beschuldigd worden van verstoring van de openbare orde. Als men meer dan eenmaal op een slavernijvacature ingaat, komt het recht op een vergoeding te vervallen, deze zal ten goede komen aan het Graafschap

Citaat :
Memorie van toelichting: de Raad acht deze wet niet langer nodig daar deze alleen enkele lvl 0's beschermt. Tevens is de raad van mening dat er voldoende werk te vinden is voor 16 fl of hoger.

Geschreven en getekend op derde dag van de maand april van het jaar MCDLIX,



Rowan James Connor- Reagan
Woordvoerder[/rp]

Citaat :
[rp]Burgers van Holland,

Namens de Raad van Holland deel ik U de volgende wetswijzigingen mee:

Citaat :
Boek II : Het strafwetboek
Huidige wet: Op. 3. Over Oplichting.
Voorstel: Opus 2: Oplichting

Citaat :
Oud wetsartikel

Citaat :
Artikel 1.

Eenieder die aan een ander door misleiding schade toebrengt voor eigen profijt wordt vervolgd voor oplichting en is naast eventuele andere straffen verplicht deze schade te vergoeden.

Nieuw wetsartikel

Citaat :
Artikel 1.

Het is verboden een ander door misleiding schade toe te brengen. De overtreder wordt verplicht de schade te vergoeden.
Bij vervolging kunnen ook andere straffen opgelegd worden door de Rechter.

Citaat :
Memorie van toelichting:

Onder misleiding wordt in ieder geval verstaan het geven van onjuiste informatie. Misleiding door middel van een menukaart valt hieronder (bijvoorbeeld brood aanprijzen als vlees).
Naast de verplichte schadevergoeding kan de rechter ook andere straffen opleggen.

Citaat :
Oud wetsartikel

Citaat :
Artikel 2.

Wordt beschouwd als oplichting : De plundering van dorp of graafschap. De plundering van een dorp, is de doorverkoop op grote schaal van goederen van het dorp, idem voor bij het graafschap. De schuldige kan de zwaarste straffen riskeren, naargelang de appreciatie van de openbare aanklager en de mildheid van de rechter en naargelang de ernst van de zaak.

Nieuw wetsartikel

Citaat :
Artikel 2.

Het is verboden markten te verstoren. Als verstoring van markten geldt het massaal en verstorend opkopen of verkopen van goederen.

Citaat :
Memorie van toelichting

Het aankopen van een redelijke hoeveelheid voor eigen gebruik is geen verstorende opkoop. Bepalend is verder of het opkoopgedrag zowel op korte als op lange termijn schaarste veroorzaakt op de markt. Bepalend is verder of het verkoopgedrag ervoor zorgt dat de bevolking geen goederen meer kan verkopen door een verzadiging van de markt, dan wel slechts tegen sterk verlaagde prijzen.

Citaat :
Oud wetsartikel

Citaat :
Artikel 3.

De verkoop van een akker door middel van een valse aanbieding wordt beschouwd als oplichting. De boete is equivalent aan de prijs voor dewelke de koper het terrein heeft aangekocht en kan samengaan met gevangenisstraffen of publieke sancties.

Komt onder artikel 1 te vallen

Artikel 3.1.

Het gebruik van mandaten van een stad of het Graafschap voor eigen profijt is strafbaar.

Nieuw wetsartikel

Citaat :
Artikel 3

Het is verboden mandaten te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor zij gegeven zijn. Dit contract kan met instemming van de gemandateerde en de mandaatgever tussentijds worden aangepast. Het is eveneens verboden mandaten te gebruiken voor doelen die niet in het belang zijn van het graafschap of de stad die ze heeft verstrekt, afgezien van het meenemen van voedsel voor de gemandateerde voor tijdens zijn reis.

Artikel 3.1

Eenieder die goederen uit een mandaat koopt die voor een ander bedoeld zijn, is verplicht deze goederen afkomstig binnen 48 uur te koop aan te bieden tegen dezelfde koopprijs nadat hij daarvan in kennis is gesteld.

Citaat :
Memorie van toelichting

In de meeste mandaten zal het doel van het mandaat zijn opgegeven. Anders gaat het om een redelijk gebruik van het mandaat gelet op het doel waarmee het is verstrekt. Gebruik ten eigen bate is niet toegestaan.

Citaat :
Nieuw wetsartikel

Citaat :
Artikel 4

Het is verboden te speculeren met goederen genoemd in het wekelijks verslag van de Raad van Holland. Speculeren is het aankopen en duurder herverkopen van eenzelfde goed op eenzelfde markt.
Mandaathouders die speculeren in opdracht van de Hollandse overheden, de Minister van Handel en de Burgemeesters en zijn hiervan vrijgesteld.

Citaat :
Memorie van toelichting:

Wordt overgebracht uit Boek IV: Handel en organisatie wet, zo staan alle strafbare feiten in het strafwetboek en niet in verschillende wetboeken.

Citaat :
Artikel 3.2.

Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Komt onder misleiding te vallen van artikel 1

Citaat :
Artikel 4.

Burgers van het Graafschap Holland kunnen onderling handelscontracten afsluiten en rechtspersonen oprichten na goedkeuring van een charter door de Raad.

Valt weg, gezien het eerder valt onder personenrecht gezien het gaat over oprichten niet over overtreden.

Getekend op 19 juli 1459,



Namens de Raad van Holland,
Chromie de L'eau Merai
Woordvoerder Raad van Holland[/rp]


Citaat :
[rp]
    Aankondiging

    Namens de Raad van Holland wil ik volgende wetswijzingen mededelen:

    Boek II : Het strafwetboek
    Nieuwe wet: Opus 3. Verstoring van de Openbare Orde
    Oude wet: Op. 4. Over Verstoring van de Openbare Orde.

    Citaat :
    Artikel 1.

    Elke dreiging naar een burger toe is verboden.
    Elke verstoring van de goede zeden is verboden.


    Artikel 1.

    Iedere verstoring van de openbare orde of de goede zeden zal vervolgd worden voor verstoring van de openbare orde.

    Artikel 2.

    Elke dreiging naar een burger toe zal beschouwd worden als verstoring van de openbare orde.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Artikel 1 en 2 zijn samengevoegd naar een eenvoudiger artikel.

    Citaat :
    Artikel 2.
    Eerroof wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde. Onder eerroof wordt verstaan het verspreiden van valse informatie met als voornaamste doel het schaden van iemands reputatie.

    Artikel 2.1.
    In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

    Artikel 2.2.

    Het beledigen van een persoon met een officiŽle functie in de uitoefening van zijn functie wordt beschouwd als eerroof.

    Artikel 2.3.
    Eerroof wordt slechts vervolgd wanneer het slachtoffer klacht indient.


    Artikel 3.

    Eerroof wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde.

    Artikel 3.1.

    Onder eerroof wordt verstaan: het verspreiden van valse informatie met als voornaamste doel het schaden van iemands reputatie

    Artikel 3.2.

    In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

    Artikel 3.3.

    Het beledigen van een persoon met een officiŽle functie in de uitoefening van zijn functie wordt beschouwd als eerroof.

    Artikel 3.4.

    Eerroof wordt slechts vervolgd wanneer het slachtoffer klacht indient.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Artikel 3.3. is geschrapt daar eerroof gaat over het schaden van iemand zijn reputatie en niet over beledigen alleen.
    Samenvoeging van artikel 3 en 3.1 tot het nieuwe artikel 2.

    Citaat :
    Artikel 3.
    Roverij stemt overeen met een diefstal van goederen en/of florijnen van een ander persoon, op de Hollandse wegen en geldt als verstoring van de openbare orde.

    Artikel 3.1.
    Een mislukte roverij, wordt als roverij berecht.

    Artikel 3.2.
    In geval van struikroverij, kan de rechter eisen dat hij die schuldig werd bevonden het slachtoffer moet vergoeden en alle gestolen goederen en/of geld moet terug bezorgen aan het slachtoffer. Dit indien het slachtoffer duidelijk kan aantonen dat hij de betreffende goederen en gelden ook daadwerkelijk in zijn bezit had voor de overval. Indien hij dit niet kan, zal de rover 50 florijnen schadevergoeding moeten betalen aan het slachtoffer. Indien het slachtoffer is overvallen door een groep zal diezelfde 50 florijnen vergoed moeten worden door elk aanwezig geweeste overvaller. Indien de beklaagde kan aantonen dat de buit minder dan 50 fl was, zal de boete verminderd worden.


    Artikel 6.

    Roverij stemt overeen met een diefstal van goederen en/of florijnen van een ander persoon, op de Hollandse wegen en geldt als verstoring van de openbare orde.

    Artikel 6.1.

    Een mislukte roverij, wordt als roverij berecht.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Artikel 3.2 is een overbrenging uit opus 1 artikel 4 puntje 9.
    Zo staat alles van roverij samen en is het duidelijker.

    Citaat :
    Artikel 4.
    Eenieder is verplicht desgevraagd aan de veldwachters alle inlichtingen te verschaffen die zij nodig hebben in het onderzoek naar een bepaald strafbaar feit.

    Artikel 4.1
    Het is verboden informatie te vervalsen.

    Artikel 4.2
    Meineed is verboden. Als meineed geldt: het geven van foute verklaringen of het achterhouden van voor de zaak cruciale informatie bij het getuigen in de rechtbank .

    Artikel 4.3
    Eenieder die is opgeroepen in een rechtszaak dient daar een verklaring af te leggen. Uitgezonderd hiervan is de verdachte.


    Artikel 4.

    Elke vorm van vervalsing van bewijzen wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde.

    Artikel 4.1.

    Elke vorm van meineed of vrijwillig verzuim als getuige in een rechtszaak geldt als vervalsing van bewijzen.

    Artikel 4.2.

    Als meineed geldt: het geven van foute verklaringen of het achterhouden van voor de zaak cruciale informatie bij het getuigen in de rechtbank

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Artikel 4 is een overbrenging vanuit de Juridische procedures daar dit hier beter past.
    Artikel 4.1 is vereenvoudigd.

    Citaat :
    Artikel 5.
    Het is verboden om een vonnis van de rechter niet na te leven. Dit omvat elke vorm van nalatigheid of verzuim bij het nakomen van een vonnis of een daaraan verbonden voorwaarde. Voor dit strafbare feit wordt tenminste een gevangenisstraf van 3 dagen opgelegd en indien de rechtbank het nodig acht ook een bijkomende straf.


    Artikel 11.

    Elke weigering en elke bewuste of onbewuste vorm van nalatigheid of verzuim om de uitspraak van de rechter na te leven of om een voorwaarde opgelegd door de rechter voor de voorwaardelijke invrijheidsstelling na te leven, zoals vermeld in het vonnis, zal bestraft worden met een nieuw proces voor verstoring van de openbare orde. De beklaagde zal automatisch een celstraf van minstens 3 dagen krijgen en indien de rechtbank het nodig acht ook een bijkomende straf krijgen.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Vereenvoudiging van het artikel.

    Citaat :
    Artikel 6.
    Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen, geheven in opdracht van de wettig verkozen Raad of door een wettig verkozen burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

    Artikel 6.1.
    De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 6 en een belastingschuld kwijtschelden.


    Artikel 9

    Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen, opgelegd door een wettig verkozen burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

    Artikel 9.1

    De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 9 en een belastingschuld kwijtschelden.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    De raad is toegevoegd aangezien deze de burgemeester oplegd om belastingen te heffen.

    Citaat :
    Artikel 7.
    Het is buitenlanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of Graaf van Holland, te bevinden in het Graafschap Holland.
    De Schout of Graaf van Holland kunnen toestemming tot het betreden van bepaalde steden verlenen of ontzeggen.


    Artikel 10

    Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of de Graaf van Holland, op het Hollandse grondgebied tot en met Leiden te bevinden op straffe van verstoring van de openbare orde.

    Artikel 10.1

    Het is niet-Hollanders verboden om zich, zonder toestemming van de Graaf van Holland, te bevinden in Haarlem en Amsterdam op straffe van verstoring van de openbare orde.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Beide artikels zijn samengevoegd tot 1 eenvoudiger artikel.

    Citaat :
    Artikel 8.
    Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de Raad, een Burgemeester of een Veldwachter door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.


    Artikel 8.

    Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de Raad, een Burgemeester of een Veldwachter door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Geen wijziging.

    Citaat :
    Artikel 9
    Als verstoring van de openbare orde wordt verder beschouwd:
    1. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5 van de Havenwet.
    2. Het niet naleven van Opus 4, Artikel 7 van de Grondwet.
    3. Het niet naleven van Opus 7 van de Grondwet.
    4. Het niet naleven van artikel 4 en/of 6 van de Wet over de werking van de universiteit.


    Artikel 7.

    Het niet naleven van de taalwetgeving zal bestraft worden met een officiŽle waarschuwing van de veldwacht. Als de overtreder na waarschuwing door de veldwacht blijft volharden in het spreken van een vreemde taal dan kan de Openbaar Aanklager hem vervolgen.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Huidig artikel 7 wordt geschrapt en toegevoegd bij artikel 9 onder het volledige opus 7 van de Grondwet.
    De artikels uit de andere wetten die onder verstoring van de openbare orde vallen zijn samengebracht in artikel 9 voor de duidelijkheid.

    Was getekend op de zevende dag van augustus van het jaar 1459,

    Leon van Straeten
    Graaf van Holland

[/rp]

Citaat :
[rp]
    Aankondiging

    Namens de Raad van Holland wil ik volgende wetswijzigingen mededelen:


    Boek II : Het strafwetboek
    Oude wet: Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.
    Nieuwe wet: Opus 4: Verraad en Hoogverraad

    Citaat :
    Artikel 2
    Informatie die een functionaris in zijn officiŽle functie verkrijgt wordt in beginsel beschouwd als vertrouwelijke informatie. Informatie die openbaar gepubliceerd is of ook buiten de functie kan worden verzameld is niet vertrouwelijk. Het openbaren van vertrouwelijke informatie wordt beschouwd als hoogverraad.
    Ingediende wetsvoorstellen in de openbare kantoren worden niet als vertrouwelijk beschouwd en mogen ook buiten de Raad besproken worden. Van de overige informatie, met uitzondering van stedelijke informatie, besluit de Graaf of de Raad over bekendmaking.

    Artikel 2.1
    De Burgemeester bepaalt voor stedelijke informatie en de Graaf voor graafschappelijke informatie welke personen toegang krijgen tot vertrouwelijke informatie. Zij moeten kenbaar maken dat de verstrekte informatie vertrouwelijk is. Eenieder die informatie openbaart die specifiek is aangeduid als vertrouwelijk informatie wordt vervolgd voor (hoog)verraad.

    Artikel 2.1.1.
    Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

    Artikel 2.2
    Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als (hoog)verraad.


    Artikel 2.

    Eenieder die aan een onbevoegd persoon geheime informatie verstrekt zal als (hoog)verrader beschouwd worden.

    Artikel 2.1.

    Alle informatie die een raadslid vanwege zijn ambt verwerft wordt beschouwd als geheime informatie, doch voorstellen en wetsvoorstellen die een partij indient in de raad mogen ten alle tijden besproken worden binnen de muren van zijn partij, doch niet in het openbaar zijnde marktpleinen(forum), herbergen en ander publieke plaatsen.
    De Graaf of de raad kan ten alle tijden beslissen dat een onderwerp geheim moet blijven en niet buiten de muren van de raad mag besproken worden. Als informatie van vertrouwelijke aard, die niet buiten de Raad besproken mag worden, wordt in ieder geval gezien concrete cijfers over de inhoud van de schatkist, het provinciale warenhuis of de wapenkamer en informatie over handelsroutes en militaire strategieŽn .

    Artikel 2.2

    Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.
    De Graaf of de Raad kan ermee instemmen dat geheime of vertrouwelijke informatie aan een commissie wordt verstrekt die werkt aan een door de Raad vastgesteld doel. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

    Artikel 10.
    Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als hoogverraad.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Artikel 2
    Vertrouwelijke informatie is niet de informatie die toevallig uit een officiŽle functie wordt verkregen, maar ook daarbuiten algemeen bekend is. Tenzij anders aangegeven wordt als vertrouwelijke informatie in ieder geval beschouwd concrete cijfers over de inhoud van de schatkist, het provinciale warenhuis of de wapenkamer en informatie over handelsroutes en militaire strategieŽn. De tekst van een ingediend wetsvoorstel en eventuele latere versies met wijzigingen worden niet als vertrouwelijke informatie beschouwd. De persoonlijke commentaren van de Raadsleden daarop wel, tenzij anders aangegeven.

    Artikel 2.1
    De burgemeester beslist als hoogste stedelijke autoriteit over publicatie en toegang tot stedelijke informatie. De Graaf beslist als hoogste graafschappelijke autoriteit over publicatie en toegang tot graafschappelijke informatie. De Raad kan als hoogste graafschappelijke orgaan echter een besluit nemen dat afwijkt van een oordeel van de Graaf.

    Citaat :
    Artikel 3.
    Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.


    Artikel 7.

    Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

    Artikel 4.
    Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.


    Artikel 8.
    Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Geen wijziging in deze artikels buiten hernummering.

    Citaat :
    Artikel 5.
    Het plegen van een (geplande) overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

    Artikel 5.1
    Ook een mislukte overname zal beschouwd worden met (hoog)verraad.


    Artikel 9.
    Het plegen van een geplande overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Niet elke overval is gepland maar daarom niet minder strafbaar.
    Ook een mislukte overval is strafbaar, dit gaf verwarring en werd vaak als verstoring van de openbare orde bestraft.

    Citaat :
    Artikel 6.
    Lidmaatschap van een criminele organisatie zal beschouwd worden als (hoog)verraad, voor zover een graafschappelijke regel niet anders heeft bepaald. Een criminele organisatie is een organisatie die tot doel stelt een gemeentehuis te bestormen, overvallen te plegen of het kasteel in de hoofdstad te bestormen.


    Huidige regeling in het Decreet Criminele Organisaties en Groeperingen
    ß1
    Ieder persoon die zich aansluit bij een groepering en/of organisatie die is opgericht om ďin gameĒ criminele aktiviteiten te plegen en die zelf ook meewerkt aan deze "in game" criminele aktiviteiten, zoals omschreven is in ß2 zal worden aangeklaagd volgens wetboek II, artikel 3.4. (Verraad) en artikel 3.5.( Hoogverraad), dient rekening te houden met de zwaarstmogelijke straf die omschreven wordt in ß 3.
    ß2
    Onder ingame criminele aktiviteiten worden verstaan;
    ∑ Het bestormen van een gemeentehuis
    ∑ Het plegen van overvallen
    ∑ Het bestormen van het kasteel in de hoofdstad.
    ß3
    De zwaarst mogelijke straf volgens het strafwetboek artikel 5. 8. De doodstraf.
    (Daarmee wordt bedoeld de IG lijfstraf met een mindering van 10 in alle karakteristieken en een compleet verlies van charisma.)

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Er is een nieuw artikel 6 dat lidmaatschap van een criminele organisatie strafbaar stelt. Dit artikel is opgenomen in verband met de integratie van alle strafbare feiten in ťťn wetboek. De huidige regeling in het Decreet Criminele Organisaties en Groeperingen vervalt hierdoor.

    Citaat :
    Artikel 7
    Een gemeente of het graafschap is te allen tijde gerechtigd om een mandaat terug te eisen. De gemandateerde is verplicht binnen een redelijke termijn het mandaat terug te geven. Een weigering om mee te werken aan het teruggeven van het mandaat zal worden beschouwd als (hoog)verraad.


    Boek VI: Handel en organisatie wet
    Opus 2: Over de Mandaten
    Artikel 2.
    Een gemeente of het graafschap is te allen tijde gerechtigd om een mandaat terug te eisen. De gemandateerde is verplicht binnen een redelijke termijn het mandaat terug te geven. Een weigering om mee te werken aan het teruggeven van het mandaat zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Artikel 7 stelt het niet teruggeven van mandaten strafbaar. Dit artikel is opgenomen in verband met de integratie van alle strafbare feiten in ťťn wetboek. De huidige regeling in de Handel- en Organisatiewet vervalt hierdoor (opus 2 artikel 2).

    Citaat :
    Artikel 8
    Het is verboden mandaten te verstrekken voor een ander doel dan het belang van het graafschap of de stad. Het doel van het mandaat moet zijn aangegeven bij het verstrekken van het mandaat.


    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Het stadsbestuur en het bestuur van het graafschap hebben maar beperkte mogelijkheden om de teruggave van een mandaat af te dwingen. In het verleden zijn er dikwijls problemen ontstaan door personen die hebben geweigerd een mandaat te beŽindigen. Om deze problemen te beperken wordt het verboden om mandaten te verstrekken voor privť-doeleinden. Het gebruik van mandaten om de reiziger te beschermen, mandaten voor privť handel e.d. is dus niet toegestaan. Uitgifte van mandaten ter bescherming van de kas is bijvoorbeeld wel toegestaan.

    Citaat :
    Artikel 9
    Als (hoog)verraad wordt verder beschouwd:
    1. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.2 van de Grondwet.
    2. Het niet naleven Opus 1, artikel 9 van de Grondwet.
    3. Het niet naleven van Opus 2, artikel 2 van de Grondwet.
    4. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 3.2. van de Grondwet.
    5. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5.3. van de Grondwet.
    6. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 6. van de Grondwet.
    7. Het niet naleven van Opus 5, artikel 1 of 1.2 van de Grondwet.
    8. Het niet naleven van artikel 2.2. van de Belastingwet.


    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Voor de duidelijkheid zijn alle artikels uit de andere wetten die bestraft worden met (hoog)verraad hieraan toegevoegd onder artikel 9

    Was getekend op de zevende dag van augustus van het jaar 1459,

    Leon van Straeten
    Graaf van Holland

[/rp]

Citaat :
[rp]
    Aankondiging

    Namens de Raad van Holland wil ik u volgende wetswijzigingen mededelen:

    Boek II : Het strafwetboek
    Huidige wet: Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

    Citaat :
    Artikel 1
    De hoogste straffen kunnen uitgesproken worden voor zaken van verraad en hoogverraad.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Deze bepaling is geschrapt. Hetzelfde vloeit voort uit de combinatie van het Keizerlijk Handvest voor de Rechtspraak en de Strafwet.

    Citaat :
    Artikel 5
    Poging tot omkoping en omkoping van een persoon met een officiŽle functie geldt als (hoog)verraad.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Dit artikel is geschrapt. Het is niet handhaafbaar, er zal vrijwel nooit rechtsgeldig bewijs voor zijn (NRP: een eventuele poging tot omkoping zal meestal op MSN plaatsvinden waar er geen bewijs is). Indien er toch op enig moment behoefte aan bestaat kan het vervolgd worden op basis van ongeschreven recht.

    Huidige wet: Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.
    Voorstel: Boek I: Grondwet
    Opus 2: Benoeming en ontslag van Raadsleden.


    Citaat :
    Artikel 11
    Artikel 2.1
    Wanneer een raadslid beschuldigd wordt van hoogverraad, heeft de Graaf het recht om deze tijdelijk uit zijn functie te ontzetten.

    Citaat :
    Memorie van toelichting:
    Deze bepaling bevat geen strafbaar feit en is daarom overgebracht naar de Grondwet.
    Dit komt te staan onder Opus 2 als artikel 2.1

    Was getekend op de zevende dag van augustus van het jaar 1459,

    Leon van Straeten
    Graaf van Holland

[/rp]

Humptie schreef:
[rp]Aankondiging


Burgers van Holland,

Namens de Raad van Holland stel ik hierbij op de hoogte van de onderstaande wijzigingen van het Strafwetboek.

Boek II : Het strafwetboek Huidige wet: Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Citaat :
Artikel 4.

Elke resident van Holland heeft de plicht mee te helpen met de verdediging van Holland binnen de mate van zijn capaciteiten, in geval van een aanval of oorlog gevoerd tegen Holland. Elke persoon die weigert zal beschouwd worden als verrader.

Citaat :

Memorie van toelichting:
Dit artikel is geschrapt. Het was niet handhaafbaar, het is niet reŽel om een groot deel van de Hollandse bevolking aan te klagen.

Boek II : Het strafwetboek Huidige wet: Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Citaat :

Artikel 3

Elke inwoner die weigert zich te onderwerpen aan een beslissing van de Raad zal beschouwd worden als verrader.

Citaat :

Memorie van toelichting:
Dit artikel was erg vaag en is daarom geschrapt. Het paste ook niet binnen de doelstelling alle normen op te nemen binnen de Strafwet.


Boek II : Het strafwetboek Huidige wet: Op. 5. Over Verraad en Hoogverraad.

Citaat :

Artikel 6

Het overtreden van de Grondwet van het Graafschap Holland wordt, tenzij specifiek anders vermeld, beschouwt als (hoog)verraad.

Citaat :

Memorie van toelichting:
Dit artikel is geschrapt. Het was te vaag om vast te stellen welke bepalingen uit de Grondwet nu precies met straf handhaafbaar waren. Bij overschrijding van de termijnen zou de gehele Raad van Holland aangeklaagd dienen te worden. Ook paste het niet binnen de doelstelling om alle normen in de Strafwet op te nemen. In plaats daarvan kent artikel 9 nu een aantal specifieke artikelen waarvan overtreding geldt als hoogverraad.

Opgemaakt op de twaalfde september van het jaar 1459

Namens de Raad van Holland

Ursula Arienne de L'eau Tailleur
Woordvoerder

[/rp]

Roentje schreef:
[rp]Aankondiging

Burgers van Holland

De Graaf en zijn Raad hebben aangenomen, na raadpleging van de Raad van State een wijziging van Opus 4 van het Strafwetboek.

Oud:
Citaat :
Boek II : Het strafwetboek
Opus 4: Verraad en Hoogverraad

Artikel 2

Informatie die een functionaris in zijn officiŽle functie verkrijgt wordt in beginsel beschouwd als vertrouwelijke informatie. Informatie die openbaar gepubliceerd is of ook buiten de functie kan worden verzameld is niet vertrouwelijk. Het openbaren van vertrouwelijke informatie wordt beschouwd als hoogverraad.
Ingediende wetsvoorstellen in de openbare kantoren worden niet als vertrouwelijk beschouwd en mogen ook buiten de Raad besproken worden. Van de overige informatie, met uitzondering van stedelijke informatie, besluit de Graaf of de Raad over bekendmaking.

Artikel 2.1

De Burgemeester bepaalt voor stedelijke informatie en de Graaf voor graafschappelijke informatie welke personen toegang krijgen tot vertrouwelijke informatie. Zij moeten kenbaar maken dat de verstrekte informatie vertrouwelijk is. Eenieder die informatie openbaart die specifiek is aangeduid als vertrouwelijk informatie wordt vervolgd voor (hoog)verraad.

Artikel 2.1.1.

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Artikel 2.2

Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 3.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 4.

Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 5.

Het plegen van een (geplande) overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 5.1

Ook een mislukte overname zal beschouwd worden met (hoog)verraad.

Artikel 6.

Lidmaatschap van een criminele organisatie zal beschouwd worden als (hoog)verraad, voor zover een graafschappelijke regel niet anders heeft bepaald. Een criminele organisatie is een organisatie die tot doel stelt een gemeentehuis te bestormen, overvallen te plegen of het kasteel in de hoofdstad te bestormen.

Artikel 7

Een gemeente of het graafschap is te allen tijde gerechtigd om een mandaat terug te eisen. De gemandateerde is verplicht binnen een redelijke termijn het mandaat terug te geven. Een weigering om mee te werken aan het teruggeven van het mandaat zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 8

Het is verboden mandaten te verstrekken voor een ander doel dan het belang van het graafschap of de stad. Het doel van het mandaat moet zijn aangegeven bij het verstrekken van het mandaat.

Artikel 9

Als (hoog)verraad wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.2 van de Grondwet.
2. Het niet naleven Opus 1, artikel 9 van de Grondwet.
3. Het niet naleven van Opus 2, artikel 2 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 3.2. van de Grondwet.
5. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5.3. van de Grondwet.
6. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 6. van de Grondwet.
7. Het niet naleven van Opus 5, artikel 1 of 1.2 van de Grondwet.
8. Het niet naleven van artikel 2.2. van de Belastingwet.

Nieuw:
Citaat :
Boek II : Het strafwetboek
Opus 4: Verraad en Hoogverraad

Artikel 1

Informatie die een functionaris in zijn officiŽle functie verkrijgt wordt in beginsel beschouwd als vertrouwelijke informatie. Informatie die openbaar gepubliceerd is of ook buiten de functie kan worden verzameld is niet vertrouwelijk. Het openbaren van vertrouwelijke informatie wordt beschouwd als hoogverraad.
Ingediende wetsvoorstellen in de openbare kantoren worden niet als vertrouwelijk beschouwd en mogen ook buiten de Raad besproken worden. Van de overige informatie, met uitzondering van stedelijke informatie, besluit de Graaf of de Raad over bekendmaking.

Artikel 1.1

De Burgemeester bepaalt voor stedelijke informatie en de Graaf voor graafschappelijke informatie welke personen toegang krijgen tot vertrouwelijke informatie. Zij moeten kenbaar maken dat de verstrekte informatie vertrouwelijk is. Eenieder die informatie openbaart die specifiek is aangeduid als vertrouwelijk informatie wordt vervolgd voor (hoog)verraad.

Artikel 1.1.1.

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Artikel 1.2

Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 2.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 3.

Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 4.

Het plegen van een (geplande) overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 4.1

Ook een mislukte overname zal beschouwd worden met (hoog)verraad.

Artikel 5.

Lidmaatschap van een criminele organisatie zal beschouwd worden als (hoog)verraad, voor zover een graafschappelijke regel niet anders heeft bepaald. Een criminele organisatie is een organisatie die tot doel stelt een gemeentehuis te bestormen, overvallen te plegen of het kasteel in de hoofdstad te bestormen.

Artikel 6

Een gemeente of het graafschap is te allen tijde gerechtigd om een mandaat terug te eisen. De gemandateerde is verplicht binnen een redelijke termijn het mandaat terug te geven. Een weigering om mee te werken aan het teruggeven van het mandaat zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 7

Het is verboden mandaten te verstrekken voor een ander doel dan het belang van het graafschap of de stad. Het doel van het mandaat moet zijn aangegeven bij het verstrekken van het mandaat.

Artikel 8

Als (hoog)verraad wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.2 van de Grondwet.
2. Het niet naleven Opus 1, artikel 9 van de Grondwet.
3. Het niet naleven van Opus 2, artikel 2 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 3.2. van de Grondwet.
5. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5.3. van de Grondwet.
6. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 6. van de Grondwet.
7. Het niet naleven van Opus 5, artikel 1 of 1.2 van de Grondwet.
8. Het niet naleven van artikel 2.2. van de Belastingwet.

Citaat :
Memorie van Toelichting

Door de recente wijzigingen van het strafwetboek diende een hernummering van Opus 4 zich aan. Bij deze is dit euvel dus rechtgezet.

Getekend op de 21e oktober van het jaar des Heerens 1459



Roentje de Mťrode Connor
Woordvoerder van de Raad van Holland
[/rp]

Bafaap schreef:
[rp]Burgers van Holland,

Bij deze delen wij u mede dat de Raad van Holland heeft besloten de volgende wijziging door te voeren in Opus 3, Artikel 9 van de Strafwet:

Oud schreef:
Artikel 9

Als verstoring van de openbare orde wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5 van de Havenwet.
2. Het niet naleven van Opus 4, Artikel 7 van de Grondwet.
3. Het niet naleven van Opus 7 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van artikel 4 en/of 6 van de Wet over de werking van de universiteit.

Nieuw schreef:
Artikel 9

Als verstoring van de openbare orde wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 4 van de Havenwet.
2. Het niet naleven van Opus 4, Artikel 7 van de Grondwet.
3. Het niet naleven van Opus 7 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van artikel 4 en/of 6 van de Wet over de werking van de universiteit.

Citaat :
Wegens een eerdere verandering van de Havenwet is er een andere nummering ontstaan dan was omschreven in de Strafweft, hierdoor is Opus 2, Artikel 5 van de Havenwet verandert naar Opus 2, Artikel 4 van de Havenwet.

Getekend op de eenentwintigste januari van het jaar des Heerens 1460,

Bafaap Florian van Eckhardt Connor
Woordvoerder van de Raad van Holland
[/rp]

Citaat :
[rp]Beste burgers van Holland,

De Raad van Holland heeft de volgende wetswijziging van Artikel 1.2. van Opus 4 van de Strafwet goedgekeurd.
Oud schreef:
Het verstrekken van informatie aan buitenlandse legers of provincies die een militaire aanval op het graafschap Holland vergemakkelijkt of uitlokt zal worden beschouwd als (hoog)verraad.
Nieuw schreef:
Het verstrekken van informatie over het Hollandse leger of de stadverdediging van een Hollandse stad in welke vorm dan ook en aan wie dan ook zonder toestemming van de Graaf, de Kapitein, Commandant of de Schout zal worden beschouwd als (hoog)verraad.
Memorie van Toelichting schreef:
Het voorgaande artikel was niet dekkend genoeg. Informatie kan ook verstrekt worden door deze in het openbaar te plaatsen of te geven aan 'vertrouwelingen' die achteraf kwade plannen hebben. Hierdoor kan ongewenst toch een informatielek ontstaan en dit heeft mogelijk een veiligheidsbreuk als gevolg. Het is beter om direct geheel uit te sluiten dat er ook maar enige informatie over het leger of de verdediging van steden naar buiten gebracht mag worden. In zaken als de veiligheid van het Graafschap kan men niet voorzichtig genoeg zijn.

Geschreven en getekend op de negenentwintigste dag van de maand Mei van het jaar MCDLX,

Christiaan Blub van den Kasteele
Graaf van Holland[/rp]

Citaat :
[rp]Beste burgers van Holland,

De Raad van Holland heeft de volgende wetswijzigingen van Artikel 5.3. van Opus 1 van de Grondwet en punt 8 van Artikel 8 van Opus 4 van de Strafwet goedgekeurd.
Nieuw schreef:
Artikel 5.3.

Indien een Raadslid vervangen wordt, dient het vervangende Raadslid binnen 7 dagen trouw te zweren aan de Graaf of, indien de Graaf ontslag heeft genomen, de Regent.
Oud schreef:
Artikel 8

Als (hoog)verraad wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.2 van de Grondwet.
2. Het niet naleven Opus 1, artikel 9 van de Grondwet.
3. Het niet naleven van Opus 2, artikel 2 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 3.2. van de Grondwet.
5. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5.3. van de Grondwet.
6. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 6. van de Grondwet.
7. Het niet naleven van Opus 5, artikel 1 of 1.2 van de Grondwet.
8. Het niet naleven van artikel 2.2. van de Belastingwet.
Nieuw schreef:
Artikel 8

Als (hoog)verraad wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.2 van de Grondwet.
2. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.3 van de Grondwet.
3. Het niet naleven Opus 1, artikel 9 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van Opus 2, artikel 2 van de Grondwet.
5. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 3.2. van de Grondwet.
6. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5.3. van de Grondwet.
7. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 6. van de Grondwet.
8. Het niet naleven van Opus 5, artikel 1 of 1.2 van de Grondwet.
9. Het niet naleven van artikel 2.2. van de Belastingwet.
Memorie van Toelichting schreef:
Volgens de letter van de wet zouden nieuwe Raadsleden die ontslagnemende Raadsleden in het termijn vervangen in overtreding zijn van de wet die hun verplicht de eed af te leggen. Met dit nieuwe Artikel hopen we duidelijkheid te scheppen over de regel voor nieuwe Raadsleden, zodat er zeker nooit een probleem rond kan ontstaan.

Wij hebben tevens de nodige aanpassing in de Strafwet gedaan op advies van de Raad van State.

Geschreven en getekend op de negenentwintigste dag van de maand Mei van het jaar MCDLX,

Christiaan Blub van den Kasteele
Graaf van Holland[/rp]

Mattheuss schreef:
[rp]Beste burgers van Holland,

Bij deze wensen wij u een wijziging aan artikel 1.1 en 1.1.1 uit Opus 4 van het Strafwetboek mee te delen.

Oud:

Citaat :
Artikel 1.1

De Burgemeester bepaalt voor stedelijke informatie welke personen toegang krijgen tot vertrouwelijke informatie. De Graaf doet dit voor Graafschappelijke informatie, waardoor het hem is toegestaan om advies te vragen aan oud-Graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden. Zowel de Burgemeester als de Graaf moeten kenbaar maken dat de verstrekte informatie vertrouwelijk is. Eenieder die informatie openbaart die specifiek is aangeduid als vertrouwelijk informatie wordt vervolgd voor (hoog)verraad.

Artikel 1.1.1.

Het is de Graaf van Holland toegestaan om over geheime en vertrouwelijke informatie advies te vragen aan oud-graven van Holland. Zij mogen deze informatie echter niet verder verspreiden.

Nieuw:

Citaat :
Artikel 1.1

De Burgemeester bepaalt voor stedelijke informatie welke personen toegang krijgen tot vertrouwelijke informatie. De Graaf doet dit voor Graafschappelijke informatie, waardoor het hen is toegestaan advies te vragen aan anderen en hun desgewenst ook te informeren. Zowel de Burgemeester als de Graaf moeten kenbaar maken dat de verstrekte informatie vertrouwelijk is en niet verspreid mag worden. Eenieder die informatie openbaart die specifiek is aangeduid als vertrouwelijk informatie wordt vervolgd voor (hoog)verraad.

Memorie van Toelichting:

Citaat :
In de oude situatie stonden een aantal zaken dubbelop en tegenstrijdige zinnen. Deze zijn in de nieuwe situatie weggehaald en het is nu vrij aan de burgemeesters en Graaf om aan wie dan ook advies te vragen. De ontvanger van vertrouwelijke informatie is gebonden aan de regel dat hij vertrouwelijke informatie niet mag openbaren.

Geschreven en getekend op de vijfentwintigste dag van de maand juni van het jaar MCDLX,

Mattheuss
Woordvoerder van Holland[/rp]

Mattheuss schreef:
[rp]
    Burgers van het Graafschap Holland,

    Bij deze delen wij u de volgende wijziging van Artikel 6 van Opus 3 in de Strafwet mee.

    Oud schreef:
    Artikel 6.

    Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen, geheven in opdracht van de wettig verkozen Raad of door een wettig verkozen burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

    Nieuw schreef:
    Artikel 6.

    Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen en herbergbelastingen, geheven in opdracht van de wettig verkozen Raad, door een wettig verkozen burgemeester of automatisch geheven, te betalen voor de boetetermijn.

    Memorie van Toelichting schreef:
    Vanwege de wijziging van de werking van de herbergbelasting, die nu afgedragen wordt aan het Graafschap en dus terecht komt in de kas van de Raad, is het nodig om de wetgeving weer in te voeren zodat duidelijker is dat men het bedrag gewoon dient te betalen.

    Geschreven en getekend op de zesentwintigste dag van de maand juli van het jaar MCDLX,

    Mattheuss
    Woordvoerder van Holland
[/rp]

Citaat :
[rp]Wetswijziging met betrekking tot de Assistent-Schout in diverse wetten

Inwoners van Holland,

Bij deze delen wij u de volgende aanpassing mede aangaande de doorvoering van assistent-schout in verschillende wetten:

Oud artikel uit Boek I: De Grondwet schreef:
Opus 1: Het bestuur van het Graafschap

Artikel 7.6.1.

Onder de schutterij hoort de veldwacht, stadswacht, AID en tollenaars.

Nieuw artikel uit Boek I: De Grondwet schreef:
Opus 1: Het bestuur van het Graafschap

Artikel 7.6.1.

Onder de schutterij hoort de assistent-schout, stadswacht, AID en tollenaars.

Memorie van Toelichting schreef:
Door de verandering van veldwacht naar assistent-schout diende de term aangepast te worden in deze wet.


Oud artikel uit Boek I: De Grondwet schreef:
Opus 5: Over het bestuur van de steden

Artikel 2.

De Burgemeester, bijgestaan door de hoofdveldwachter, is belast met het waken over de goede naleving van de Graafschappelijke en Keizerlijke wetten en decreten.

Nieuw artikel uit Boek I: De Grondwet schreef:
Opus 5: Over het bestuur van de steden

Artikel 2.

De Burgemeester is belast met het waken over de goede naleving van de Graafschappelijke en Keizerlijke wetten en decreten in zijn stad. Bij het vaststellen van overtredingen neemt de burgemeester contact op met de (assistent-)schout.

Memorie van Toelichting schreef:
Daar er niet in elke stad een assistent-schout aanwezig is, is gekozen om dit artikel op deze manier aan te passen.


Oud artikel uit Boek II: Het strafwetboek schreef:
Opus 1: Over de definitie van misdaden, misdrijven en straffen

Artikel 2.1

Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, veldwachters en handelaren. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie.

Nieuw artikel uit Boek II: Het strafwetboek schreef:
Opus 1: Over de definitie van misdaden, misdrijven en straffen

Artikel 2.1.

Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, assistent-schout, hoofdstadswachters, hoofdmentoren, etc. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie.

Memorie van Toelichting schreef:
Door de verandering van veldwacht naar assistent-schout diende de term aangepast te worden in deze wet.


Oud artikel uit Boek II: Het strafwetboek schreef:
Opus 3: Verstoring van de Openbare Orde

Artikel 4.

Eenieder is verplicht desgevraagd aan de veldwachters alle inlichtingen te verschaffen die zij nodig hebben in het onderzoek naar een bepaald strafbaar feit.

Nieuw artikel uit Boek II: Het strafwetboek schreef:
Opus 3: Verstoring van de Openbare Orde

Artikel 4.

Eenieder is verplicht desgevraagd aan de (assistent-)schout alle inlichtingen te verschaffen die hij nodig heeft in het onderzoek naar een bepaald strafbaar feit.

Memorie van Toelichting schreef:
Door de verandering van veldwacht naar assistent-schout diende de term aangepast te worden in deze wet.


Oud artikel uit Boek II: Het strafwetboek schreef:
Opus 3: Verstoring van de Openbare Orde

Artikel 8.

Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de Raad, een Burgemeester of een Veldwachter door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.

Nieuw artikel uit Boek II: Het strafwetboek schreef:
Opus 3: Verstoring van de Openbare Orde

Artikel 8.

Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de raad, een burgemeester of de/een (assistent-)schout door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.

Memorie van Toelichting schreef:
Door de verandering van veldwacht naar assistent-schout diende de term aangepast te worden in deze wet.


Oud artikel uit de Wet over de werking van de universiteit schreef:
Artikel 4.
Het is iedere student toegestaan om lessen te volgen in de universiteit. Inwoners van Holland die nog geen student zijn (level 2 en lager) mogen in beginsel geen lessen volgen behoudens speciale permissie van de minister van Onderwijs, die hierover overlegt met de rector en decanen. De overtreding van dit artikel doet de veldwacht ten eerste male af met een waarschuwing. De rector is bevoegd het volgen van bepaalde lessen exclusief toe te staan aan studenten van een bepaalde richting.

Nieuw artikel uit de Wet over de werking van de universiteit schreef:
Artikel 4.
Het is iedere student toegestaan om lessen te volgen in de universiteit. Inwoners van Holland die nog geen student zijn (level 2 en lager) mogen in beginsel geen lessen volgen behoudens speciale permissie van de minister van Onderwijs, die hierover overlegt met de rector en decanen. De overtreding van dit artikel doet de (assistent-)schout ten eerste male af met een waarschuwing. De rector is bevoegd het volgen van bepaalde lessen exclusief toe te staan aan studenten van een bepaalde richting.

Memorie van Toelichting schreef:
Door de verandering van veldwacht naar assistent-schout diende de term aangepast te worden in deze wet.


Oud artikel uit het Decreet over de werking van de Kanselarij schreef:
Structuur:

[...]

Elke functie in de Kanselarij is een officiŽle functie, zoals beschreven in de strafwet, Opus 1, Artikel 2.1: "Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, veldwachters en handelaren. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie".

Nieuw artikel uit het Decreet over de werking van de Kanselarij schreef:
Structuur:

[...]

Elke functie in de Kanselarij is een officiŽle functie, zoals beschreven in de strafwet, Opus 1, Artikel 2.1: "Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, assistent-schout, hoofdstadswachters, hoofdmentoren, etc. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie.". richting.

Memorie van Toelichting schreef:
Door de verandering van opus 1,artikel 2.1 uit het strafwetboek dient dit hier ook aangepast te worden.


Getekend op 22 september van het Jaar des Heeren 1460,



Namens de Raad van Holland,

Romerio Alexander Tailleur
Woordvoerder van de Raad van Holland[/rp]
Terug naar boven Go down
Alyssa



Vrouw Aantal berichten : 10831
Leeftijd : 30
Woonplaats : Utrecht
Registration date : 13-02-09

Personage-beschrijving
Adelijke rang: Graaf
Spierkracht:
255/255  (255/255)

BerichtOnderwerp: Re: Boek II: Strafwet   ma jun 03, 2013 12:03 pm

Citaat :
[rp]Aan de inwoners van het Graafschap Holland,

Namens de Raad van Holland kondig ik de volgende wetswijziging met betrekking tot Wetboek II: het strafwetboek aan.

Oud:
Citaat :
Boek II : Het strafwetboek

Opus 1. Over de definitie van misdaden, misdrijven en straffen.

Artikel 1.

De misdrijven worden onderverdeeld in de volgende categorieŽn:

Artikel 1.1.

Slavernij: Met betrekking tot de relatie tussen werkgevers en werknemers.

Artikel 1.2.

Oplichting: Met betrekking tot een onwettige verrijking.

Artikel 1.3.

Verstoring van de Openbare Orde:
- Elke gedraging die een aanslag is op de fysieke en/of morele integriteit van een persoon of groep.

- Elke gedraging die de openbare orde of de goede werking van de gemeenschap verstoord.

Artikel 1.4.

(Hoog)verraad:
Elke gedraging die het graafschap in brede zin schade berokkent. Een misdrijf wordt beschouwd als hoogverraad wanneer de dader een officiŽle functie in het graafschap bekleed en als verraad wanneer de dader geen officiŽle functie bekleed.

Artikel 1.5.

Hekserij : Wat betrekking heeft tot het kerkelijk recht.

Artikel 2.

Met graafschap in brede zin wordt bedoeld: de Graaf, de Raadsleden, de door het Graafschap beŽdigde personen, de Burgemeesters, het leger, een significant deel van zijn bevolking, alle publieke bezittingen van het Graafschap, al de instellingen van het Graafschap en zijn symbolische waarden en bezittingen.

Artikel 2.1

Onder officiŽle functie wordt verstaan: een functie als burgemeester of raadslid. Functies waarvoor de burgemeester of raadslid de benoeming doet gelden ook als officiŽle functie. Hieronder vallen dus onder meer de ambassadeur, rector, assistent-schout, hoofdstadswachters, hoofdmentoren, etc. Ook Keizerlijke en Hollandse edelen worden gezien als houders van een officiŽle functie.

Artikel 3.

Iedereen op Hollands grondgebied kan aangeklaagd worden op voorwaarde dat er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan, dit beoordeeld de Openbaar Aanklager.

Artikel 3.1.

Bij betwisting over het oordeel van de Openbaar Aanklager beslist de Graaf of er voldoende aanwijzingen van schuld bestaan.

Artikel 4.

De volgende straffen kunnen worden uitgesproken. (Van licht naar zwaar gerangschikt)
1. Publieke sancties (publieke excuses, schandpaal,Ö)
2. FinanciŽle sancties (Schadevergoedingen, terugbetalingen, boetes,Ö)
2.1. De Rechter kan besluiten om de boete aan het Graafschap of een andere instelling of persoon te laten betalen.
3. Sancties van gemeenschapsdienst (De veroordeelde een actie laten ondernemen die voordelig is voor de gemeenschap)
4. Lichte gevangenisstraffen (Gevangenisstraf van maximum 3 dagen).
5. Zware gevangenisstraffen (Gevangenisstraf van meer dan 3 dagen).
6. Lichamelijke sancties (zweepslagen, geselen, Ö.).
7. Verbanning (al dan niet tijdelijk)
8. Doodstraf. (Mensen van adel worden onthoofd, met mensen zonder adellijk bloed mag de rechter naar eigen goeddunken handelen.)
NRP : De doodstraf zal enkel worden opgelegd indien wordt voldaan aan de daarvoor geldende Keizerlijke regels. Zij die hun personage niet willen zien sterven zullen een lichamelijke straf krijgen (-10 bij elke eigenschap en volledig verlies van charisma.)

Artikel 5.

De herhaling van een misdrijf heeft een zwaardere straf tot gevolg.

Artikel 6.

Een bekentenis wordt als een verzachtende omstandigheid beschouwd .

Artikel 7.

Zowel rechtstreekse als onrechtstreekse deelname aan een misdrijf is strafbaar.

Artikel 8.

Het belemmeren van de goede werking van het gerecht tijdens het onderzoek, de berechting of de uitvoering is een misdrijf.

Artikel 9.

De Rechter kan rekening houden met de persoonlijke situatie van de beklaagde bij het bepalen van de straf.

Artikel 10.

De Graaf kan als hoogste autoriteit van het Graafschap enkel berecht worden door het Keizerlijk Hooggerechtshof.


Opus 2: Oplichting

Artikel 1.

Het is verboden een ander door misleiding schade toe te brengen. De overtreder wordt verplicht de schade te vergoeden.
Bij vervolging kunnen ook andere straffen opgelegd worden door de Rechter.

Artikel 2.

Het is verboden markten te verstoren. Als verstoring van markten geldt het massaal en verstorend opkopen of verkopen van goederen.

Artikel 3.

Het is verboden mandaten te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor zij gegeven zijn. Dit contract kan met instemming van de gemandateerde en de mandaatgever tussentijds worden aangepast. Het is eveneens verboden mandaten te gebruiken voor doelen die niet in het belang zijn van het graafschap of de stad die ze heeft verstrekt, afgezien van het meenemen van voedsel voor de gemandateerde voor tijdens zijn reis.

Artikel 3.1.

Eenieder die goederen uit een mandaat koopt die voor een ander bedoeld zijn, is verplicht deze goederen afkomstig binnen 48 uur te koop aan te bieden tegen dezelfde koopprijs nadat hij daarvan in kennis is gesteld.

Artikel 4.

Het is verboden te speculeren met goederen genoemd in het wekelijks verslag van de Raad van Holland. Speculeren is het aankopen en duurder herverkopen van eenzelfde goed op eenzelfde markt.
Mandaathouders die speculeren in opdracht van de Hollandse overheden, de Minister van Handel en de Burgemeesters en zijn hiervan vrijgesteld.

Opus 3. Verstoring van de Openbare Orde

Artikel 1.

Elke dreiging naar een burger toe is verboden.
Elke verstoring van de goede zeden is verboden.

Artikel 2.

Eerroof wordt vervolgd als verstoring van de openbare orde. Onder eerroof wordt verstaan het verspreiden van valse informatie met als voornaamste doel het schaden van iemands reputatie.

Artikel 2.1.

In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

Artikel 2.2.

Het beledigen van een persoon met een officiŽle functie in de uitoefening van zijn functie wordt beschouwd als eerroof.

Artikel 2.3.

Eerroof wordt slechts vervolgd wanneer het slachtoffer klacht indient.

Artikel 3.

Roverij stemt overeen met een diefstal van goederen en/of florijnen van een ander persoon, op de Hollandse wegen en geldt als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3.1.

Een mislukte roverij, wordt als roverij berecht.

Artikel 3.2.

In geval van struikroverij, kan de rechter eisen dat hij die schuldig werd bevonden het slachtoffer moet vergoeden en alle gestolen goederen en/of geld moet terug bezorgen aan het slachtoffer. Dit indien het slachtoffer duidelijk kan aantonen dat hij de betreffende goederen en gelden ook daadwerkelijk in zijn bezit had voor de overval. Indien hij dit niet kan, zal de rover 50 florijnen schadevergoeding moeten betalen aan het slachtoffer. Indien het slachtoffer is overvallen door een groep zal diezelfde 50 florijnen vergoed moeten worden door elk aanwezig geweeste overvaller. Indien de beklaagde kan aantonen dat de buit minder dan 50 fl was, zal de boete verminderd worden.

Artikel 4.

Eenieder is verplicht desgevraagd aan de (assistent-)schout alle inlichtingen te verschaffen die hij nodig heeft in het onderzoek naar een bepaald strafbaar feit.

Artikel 4.1

Het is verboden informatie te vervalsen.

Artikel 4.2

Meineed is verboden. Als meineed geldt: het geven van foute verklaringen of het achterhouden van voor de zaak cruciale informatie bij het getuigen in de rechtbank .

Artikel 4.3

Eenieder die is opgeroepen in een rechtszaak dient daar een verklaring af te leggen. Uitgezonderd hiervan is de verdachte.

Artikel 5.

Het is verboden om een vonnis van de rechter niet na te leven. Dit omvat elke vorm van nalatigheid of verzuim bij het nakomen van een vonnis of een daaraan verbonden voorwaarde. Voor dit strafbare feit wordt tenminste een gevangenisstraf van 3 dagen opgelegd en indien de rechtbank het nodig acht ook een bijkomende straf.

Artikel 6.

Iedere Hollander is verplicht stedelijke belastingen en herbergbelastingen, geheven in opdracht van de wettig verkozen Raad, door een wettig verkozen burgemeester of automatisch geheven, te betalen voor de boetetermijn.

Artikel 6.1.

De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 6 en een belastingschuld kwijtschelden.

Artikel 7.
Het is buitenlanders verboden om zich, zonder toestemming van de Schout of Graaf van Holland, te bevinden in het Graafschap Holland.
De Schout of Graaf van Holland kunnen toestemming tot het betreden van bepaalde steden verlenen of ontzeggen.

Artikel 8.

Iedere Hollander in het bezit van informatie die het graafschap kan helpen bij het bestrijden van misdaad of andere gevaren, is verplicht deze informatie aan de raad, een burgemeester of de/een (assistent-)schout door te geven op straffe van vervolging voor verstoring van de Openbare Orde.

Artikel 9

Als verstoring van de openbare orde wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 4 van de Havenwet.
2. Het niet naleven van Opus 4, Artikel 7 van de Grondwet.
3. Het niet naleven van Opus 7 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van artikel 4 en/of 6 van de Wet over de werking van de universiteit.

Opus 4: Verraad en Hoogverraad

Artikel 1

Informatie die een functionaris in zijn officiŽle functie verkrijgt wordt in beginsel beschouwd als vertrouwelijke informatie. Informatie die openbaar gepubliceerd is of ook buiten de functie kan worden verzameld is niet vertrouwelijk. Het openbaren van vertrouwelijke informatie wordt beschouwd als hoogverraad.
Ingediende wetsvoorstellen in de openbare kantoren worden niet als vertrouwelijk beschouwd en mogen ook buiten de Raad besproken worden. Van de overige informatie, met uitzondering van stedelijke informatie, besluit de Graaf of de Raad over bekendmaking.

Artikel 1.1

De Burgemeester bepaalt voor stedelijke informatie welke personen toegang krijgen tot vertrouwelijke informatie. De Graaf doet dit voor Graafschappelijke informatie, waardoor het hen is toegestaan advies te vragen aan anderen en hun desgewenst ook te informeren. Zowel de Burgemeester als de Graaf moeten kenbaar maken dat de verstrekte informatie vertrouwelijk is en niet verspreid mag worden. Eenieder die informatie openbaart die specifiek is aangeduid als vertrouwelijk informatie wordt vervolgd voor (hoog)verraad.

Artikel 1.2

Het verstrekken van informatie over het Hollandse leger of de stadverdediging van een Hollandse stad in welke vorm dan ook en aan wie dan ook zonder toestemming van de Graaf, de Kapitein, Commandant of de Schout zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 2.

Het vormen van een leger zonder toestemming van de Graaf zal beschouwd worden als (hoog)verraad.

Artikel 3.

Het plegen van een aanval op het Hollands grondgebied met een leger zonder toestemming van de graaf van Holland zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 4.

Het plegen van een (geplande) overname van het kasteel van Amsterdam of een Hollandse stad zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 4.1

Ook een mislukte overname zal beschouwd worden met (hoog)verraad.

Artikel 5.

Lidmaatschap van een criminele organisatie zal beschouwd worden als (hoog)verraad, voor zover een graafschappelijke regel niet anders heeft bepaald. Een criminele organisatie is een organisatie die tot doel stelt een gemeentehuis te bestormen, overvallen te plegen of het kasteel in de hoofdstad te bestormen.

Artikel 6

Een gemeente of het graafschap is te allen tijde gerechtigd om een mandaat terug te eisen. De gemandateerde is verplicht binnen een redelijke termijn het mandaat terug te geven. Een weigering om mee te werken aan het teruggeven van het mandaat zal worden beschouwd als (hoog)verraad.

Artikel 7

Het is verboden mandaten te verstrekken voor een ander doel dan het belang van het graafschap of de stad. Het doel van het mandaat moet zijn aangegeven bij het verstrekken van het mandaat.

Artikel 8

Als (hoog)verraad wordt verder beschouwd:
1. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.2 van de Grondwet.
2. Het niet naleven van Opus 1, artikel 5.3 van de Grondwet.
3. Het niet naleven Opus 1, artikel 9 van de Grondwet.
4. Het niet naleven van Opus 2, artikel 2 van de Grondwet.
5. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 3.2. van de Grondwet.
6. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 5.3. van de Grondwet.
7. Het niet naleven van Opus 2, Artikel 6. van de Grondwet.
8. Het niet naleven van Opus 5, artikel 1 of 1.2 van de Grondwet.
9. Het niet naleven van artikel 2.2. van de Belastingwet.

Wijzigingen:
Citaat :
Rood = geschrapte bepaling sinds vorige versie
Blauw = gewijzigd sinds vorige versie
Oranje = gewijzigd naar aanleiding van advies RvS
Groen = spellings- en zinsconstructieverandering
Lila = gewijzigde bepaling nav nabespreking in de Raad

Citaat :
Boek II : Strafwet

Opus 1. Algemene bepalingen

Artikel 1 Definitie ambtsdrager
Ambtsdrager: een raadslid, burgemeester of een persoon die direct of indirect wordt benoemd door een burgemeester, raadslid of de Raad van Holland.

Artikel 2 Rechtszekerheidsbeginsel
1. Enkel de feiten die uitdrukkelijk in deze wet zijn genoemd zijn strafbaar
2. Een feit is enkel strafbaar als het voorafgaand aan het plegen daarvan strafbaar is gesteld.

Artikel 3 Geen straf zonder schuld
Een feit is alleen dan strafbaar als de betrokkene enig verwijt kan worden gemaakt van het plegen daarvan.

Artikel 4 Toepassingsbereik
Deze wet geldt voor allen die zich bevinden op het grondgebied of de wateren behorende bij het Graafschap Holland dan wel op een aan een Hollander toebehorend schip, behoudens in de gevallen dat een dergelijke overtreding onder Keizerlijke wetgeving valt.

Artikel 5 Straffen
De volgende straffen kunnen worden uitgesproken. (Van licht naar zwaar gerangschikt)
1. Publieke sancties (publieke excuses, schandpaal,Ö)
2. FinanciŽle sancties (Schadevergoedingen, terugbetalingen, boetes,Ö)
2.1. De Rechter kan besluiten om de boete aan het Graafschap of een andere instelling of persoon te laten betalen.
3. Sancties van gemeenschapsdienst (De veroordeelde een actie laten ondernemen die voordelig is voor de gemeenschap)
4. Gevangenisstraffen
5. Lichamelijke sancties (zweepslagen, geselen, Ö.).
6. Verbanning (maximaal 3 maanden)
7. Doodstraf. (Mensen van adel worden onthoofd, met mensen zonder adellijk bloed mag de rechter naar eigen goeddunken handelen.)
NRP : De doodstraf zal enkel worden opgelegd indien wordt voldaan aan de daarvoor geldende Keizerlijke regels. Zij die hun personage niet willen zien sterven zullen een lichamelijke straf krijgen (-10 bij elke eigenschap en volledig verlies van charisma.)

Artikel 6 Strafmaat
1. De rechter houdt bij het bepalen van de straf rekening met de ernst van het strafbare feit alsmede met de persoonlijke omstandigheden van de schuldige, waaronder recidive en het afleggen van een bekentenis.
2. De rechter kan bij feiten waardoor geen private persoon schade heeft geleden afzien van het opleggen van een straf.

Opus 2. Economische en fiscale delicten


Artikel 1 Misbruik van mandaten
Het is verboden de inhoud van een mandaat te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor het is gegeven of wanneer het doel in strijd is met het belang van de stad of het graafschap Holland

Artikel 2 Onbedoelde koop uit een mandaat
Eenieder die goederen uit een mandaat koopt die voor een ander bedoeld zijn, is verplicht deze goederen, afkomstig uit het mandaat, binnen 48 uur te koop aan te bieden tegen dezelfde koopprijs nadat hij daarvan in kennis is gesteld.

Artikel 3 Belastingplicht
1. Het is verboden niet of niet tijdig de belastingen te bepalen die worden geheven door of namens een rechtmatig verkozen raad of burgemeester.
2. Onder belastingen vallen alle typen belastingen zoals de havenbelasting, herbergbelasting en belasting op onroerende zaken.
3. De burgemeester kan kwijtschelding verlenen van door hem geheven belastingen. De Graaf kan kwijtscheldingverlenen van overige belastingen.

Artikel 4 Belastingafdracht
Het is burgemeesters verboden:
1. een opdracht, gegeven door de rechtmatig verkozen raad, om een belasting te heffen niet uit te voeren;
2. om belastingen, geheven in opdracht van een rechtmatig verkozen raad , niet af te dragen.

Artikel 5 Speculatie
Het is eenieder, met uitzondering van burgemeester en door hen aangewezen functionarissen, is verboden de volgende goederen aan te kopen en duurder te verkopen in dezelfde stad: gierst, tarwe, meel, brood, melk, vis, vlees, groente, fruit, hout en ijzer.


Artikel 6 Marktverstoring
Het is verboden de markt te verstoren door het massaal opkopen van goederen, speculatie dan wel anderszins.


Artikel 7 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus onder 1 tot en met 6 gelden als oplichting, met uitzondering artikel 4 wat geldt als hoogverraad.

Opus 3. Misdrijven tegen de openbare orde alsmede de waardigheid, het goed en het leven van personen

Artikel 1 Bedreiging
Elke dreiging naar een burger toe is verboden.


Artikel 2 Laster
1. Het is verboden opzettelijk onware informatie te verspreiden met als enig doel de goede naam van personen te schaden.
2.Er wordt enkel tot vervolging overgegaan na een klacht van de persoon op wie de onjuiste informatie betrekking heeft of, na zijn overlijden, zijn erfgenamen.
3. In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

Artikel 3 Struikroof
1. Het is verboden om een persoon op de Hollandse wegen zijn geld of goederen te ontnemen (struikroverij).
2. Ook een poging tot struikroverij is strafbaar.

Artikel 4 Geweldspleging
Het is verboden een Hollander van zijn leven te beroven, tenzij wordt gehandeld in opdracht van de rechtmatig verkozen Graaf van Holland tijdens de staat van beleg of in zelfverdediging tegen een onrechtmatige aanval of overval.

Artikel 5 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus onder 1 tot en met 4 gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 4. Verstoring van de rechtsgang

Artikel 1 Vervalsing
Het is verboden bewijsmateriaal te vervalsen.


Artikel 2 Belemmering onderzoek
1. Eenieder is verplicht medewerking te verlenen aan een onderzoek van de (assistent-)Schout.
2. De verdachte, zijn partner en bloed- en aanverwanten
tot en met de vierde graad behoeven echter geen bewijs te leveren dat bijdraagt aan zijn veroordeling.

Artikel 3 Meineed
Het is verboden een onware verklaring af te leggen voor het gerecht, behalve voor de verdachte.


Artikel 4 Negeren rechterlijke uitspraak
Het is verboden de voorwaarden gesteld in een rechterlijk vonnis niet na te leven.

Artikel 5 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 5. Misdrijven tegen de instituties van het graafschap Holland

Artikel 1 Revoltes e.d.
1. Het is verboden een stad of kasteel door middel van een revolte dan wel militaire aanval over te nemen.
2. Ook een poging tot het overnemen is strafbaar.
3. Het verstrekken van informatie met als doel het vergemakkelijken van een revolte of aanval is strafbaar.
4. Het voorgaande in dit artikel is niet van toepassing wanneer de Graaf van Holland, met inachtneming van de Grondwet, de bestorming van een stadhuis of kasteel opdraagt.

Artikel 2 Legervorming
1. Het is verboden een leger op te richten zonder toestemming van de Graaf van Holland.
2. Het is verboden om deel uit te maken en werk aan te nemen van een leger als bedoeld in het eerste lid.


Artikel 3 Criminele samenzwering
Het is verboden alleen, of in vereniging met anderen, ťťn of meer steden of het kasteel over te nemen, een reeks georganiseerde overvallen te plegen of het aanvallen van schepen te plannen, uit te voeren of dreigen uit te voeren.

Artikel 4 Schending geheimhouding
1. Het is verboden vertrouwelijke informatie uit de besloten zaal der burgemeesters, de stadsraad, het kasteel van Den Haag of de Raad van Holland te verspreiden.
2. Het is verboden om informatie die vertrouwelijk wordt meegedeeld door de burgemeester, de raad of een van haar leden dan wel een door deze instituties aangesteld persoon openbaar te maken.
3. De Graaf c.q. de meerderheid der burgemeesters kunnen toestemming verlenen voor het openbaar maken van informatie uit de raad c.q. de zaal der burgemeesters.

]Artikel 5 Motie van wantrouwen
Het is verboden om na te laten ontslag te nemen uit de Raad van Holland, nadat een motie van wantrouwen is aanvaard.
(wordt geschrapt)

Artikel 6 Machtsmisbruik
1. Het is ambtsdragers verboden hun functie te gebruiken ten behoeve van persoonlijk (financieel) gewin.
2. Het is ambtsdragers verboden hun functie opzettelijk of verwijtbaar ernstig te verwaarlozen. (wordt geschrapt)

Artikel 7 Taalbeheersing
Het is verboden een ambt in dienst van het graafschap Holland te bekleden, voor iemand die de Nederlandse taal niet autonoom (zonder hulpmiddelen) beheerst.


Artikel 8 Kwalificatie
Overtreding van artikel 1 tot en met 6 geldt als verraad, tenzij zij worden begaan door een ambtsdrager of edelman van het graafschap Holland. Dan gelden zij als hoogverraad. Overtreding van artikel 7 geldt als verstoring van de openbare orde.

Opus 6. Maritieme delicten

Artikel 1 Aanmeren schepen
Het is verboden een schip aan te meren, zonder toestemming van de havenmeester.

Artikel 2 Geweldspleging
2. Het is verboden een schip van een Hollander of een schip dat zich in Hollandse territoriale wateren bevindt, aan te vallen of tot zinken te brengen, tenzij wordt gehandeld in opdracht van de rechtmatig verkozen Graaf van Holland tijdens de staat van beleg.

Artikel 3 Kwalificatie
De feiten in deze opus gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 7. Verblijf door buitenlanders

Artikel 1 Verblijfsbeperkingen
1. Elke niet-Hollander dient op vraag van de Schout of de Graaf onverwijld het doel van zijn bezoek aan Holland mede te delen.
2. Elke niet-Hollander dient de beperkingen, gesteld door de Schout of de Graaf van Holland aan een bezoek, in acht te nemen.

Artikel 2 Kwalificatie
Het nalaten de verplichtingen in deze opus na te leven geldt als verstoring van de openbare orde.

Nieuw:
Citaat :
Boek II : Strafwet

Opus 1. Algemene bepalingen

Artikel 1 Definitie ambtsdrager
Ambtsdrager: een raadslid, burgemeester of een persoon die direct of indirect wordt benoemd door een burgemeester, raadslid of de Raad van Holland.

Artikel 2 Rechtszekerheidsbeginsel
1. Enkel de feiten die uitdrukkelijk in deze wet zijn genoemd zijn strafbaar
2. Een feit is enkel strafbaar als het voorafgaand aan het plegen daarvan strafbaar is gesteld.

Artikel 3 Geen straf zonder schuld
Een feit is alleen dan strafbaar als de betrokkene enig verwijt kan worden gemaakt van het plegen daarvan.

Artikel 4 Toepassingsbereik
Deze wet geldt voor allen die zich bevinden op het grondgebied of de wateren behorende bij het Graafschap Holland dan wel op een aan een Hollander toebehorend schip, behoudens in de gevallen dat een dergelijke overtreding onder Keizerlijke wetgeving valt.

Artikel 5 Straffen
De volgende straffen kunnen worden uitgesproken. (Van licht naar zwaar gerangschikt)
1. Publieke sancties (publieke excuses, schandpaal,Ö)
2. FinanciŽle sancties (Schadevergoedingen, terugbetalingen, boetes,Ö)
2.1. De Rechter kan besluiten om de boete aan het Graafschap of een andere instelling of persoon te laten betalen.
3. Sancties van gemeenschapsdienst (De veroordeelde een actie laten ondernemen die voordelig is voor de gemeenschap)
4. Gevangenisstraffen
5. Lichamelijke sancties (zweepslagen, geselen, Ö.).
6. Verbanning (maximaal 3 maanden)
7. Doodstraf. (Mensen van adel worden onthoofd, met mensen zonder adellijk bloed mag de rechter naar eigen goeddunken handelen.)
NRP : De doodstraf zal enkel worden opgelegd indien wordt voldaan aan de daarvoor geldende Keizerlijke regels. Zij die hun personage niet willen zien sterven zullen een lichamelijke straf krijgen (-10 bij elke eigenschap en volledig verlies van charisma.)

Artikel 6 Strafmaat
1. De rechter houdt bij het bepalen van de straf rekening met de ernst van het strafbare feit alsmede met de persoonlijke omstandigheden van de schuldige, waaronder recidive en het afleggen van een bekentenis.

Opus 2. Economische en fiscale delicten

Artikel 1 Misbruik van mandaten
Het is verboden de inhoud van een mandaat te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor het is gegeven of wanneer het doel in strijd is met het belang van de stad of het graafschap Holland

Artikel 2 Onbedoelde koop uit een mandaat
Eenieder die goederen uit een mandaat koopt die voor een ander bedoeld zijn, is verplicht deze goederen, afkomstig uit het mandaat, binnen 48 uur te koop aan te bieden tegen dezelfde koopprijs nadat hij daarvan in kennis is gesteld.

Artikel 3 Belastingplicht
1. Het is verboden niet of niet tijdig de belastingen te bepalen die worden geheven door of namens een rechtmatig verkozen raad of burgemeester.
2. Onder belastingen vallen alle typen belastingen zoals de havenbelasting, herbergbelasting en belasting op onroerende zaken.
3. De burgemeester kan kwijtschelding verlenen van door hem geheven belastingen. De Graaf kan kwijtschelding verlenen van overige belastingen.

Artikel 4 Belastingafdracht
Het is burgemeesters verboden:
1. een opdracht, gegeven door de rechtmatig verkozen raad, om een belasting te heffen niet uit te voeren;
2. om belastingen, geheven in opdracht van een rechtmatig verkozen raad , niet af te dragen.

Artikel 5 Speculatie
Het is eenieder, met uitzondering van burgemeester en door hen aangewezen functionarissen, is verboden de volgende goederen aan te kopen en duurder te verkopen in dezelfde stad: gierst, tarwe, meel, brood, melk, vis, vlees, groente, fruit, hout en ijzer.

Artikel 6 Marktverstoring
Het is verboden de markt te verstoren door het massaal opkopen van goederen, speculatie dan wel anderszins.

Artikel 7 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus onder 1 tot en met 6 gelden als oplichting, met uitzondering artikel 4 wat geldt als hoogverraad.

Opus 3. Misdrijven tegen de openbare orde alsmede de waardigheid, het goed en het leven van personen

Artikel 1 Bedreiging
Elke dreiging naar een burger toe is verboden.

Artikel 2 Laster
1. Het is verboden opzettelijk onware informatie te verspreiden met als enig doel de goede naam van personen te schaden.
2.Er wordt enkel tot vervolging overgegaan na een klacht van de persoon op wie de onjuiste informatie betrekking heeft of, na zijn overlijden, zijn erfgenamen.
3. In het geval van een rechtszaak is het aan de verspreider te bewijzen dat de informatie niet vals is.

Artikel 3 Struikroof
1. Het is verboden om een persoon op de Hollandse wegen zijn geld of goederen te ontnemen (struikroverij).
2. Ook een poging tot struikroverij is strafbaar.

Artikel 4 Geweldspleging
Het is verboden een Hollander van zijn leven te beroven, tenzij wordt gehandeld in opdracht van de rechtmatig verkozen Graaf van Holland tijdens de staat van beleg of in zelfverdediging tegen een onrechtmatige aanval of overval.

Artikel 5 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus onder 1 tot en met 4 gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 4. Verstoring van de rechtsgang

Artikel 1 Vervalsing
Het is verboden bewijsmateriaal te vervalsen.

Artikel 2 Belemmering onderzoek
1. Eenieder is verplicht medewerking te verlenen aan een onderzoek van de (assistent-)Schout.
2. De verdachte, zijn partner en bloed- en aanverwanten tot en met de vierde graad behoeven echter geen bewijs te leveren dat bijdraagt aan zijn veroordeling.

Artikel 3 Meineed
Het is verboden een onware verklaring af te leggen voor het gerecht, behalve voor de verdachte.

Artikel 4 Negeren rechterlijke uitspraak
Het is verboden de voorwaarden gesteld in een rechterlijk vonnis niet na te leven.

Artikel 5 Kwalificatie
De feiten genoemd in deze opus gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 5. Misdrijven tegen de instituties van het graafschap Holland

Artikel 1 Revoltes e.d.
1. Het is verboden een stad of kasteel door middel van een revolte dan wel militaire aanval over te nemen.
2. Ook een poging tot het overnemen is strafbaar.
3. Het verstrekken van informatie met als doel het vergemakkelijken van een revolte of aanval is strafbaar.
4. Het voorgaande in dit artikel is niet van toepassing wanneer de Graaf van Holland, met inachtneming van de Grondwet, de bestorming van een stadhuis of kasteel opdraagt.

Artikel 2 Legervorming
1. Het is verboden een leger op te richten zonder toestemming van de Graaf van Holland.
2. Het is verboden om deel uit te maken en werk aan te nemen van een leger als bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3 Criminele samenzwering
Het is verboden alleen, of in vereniging met anderen, ťťn of meer steden of het kasteel over te nemen, een reeks georganiseerde overvallen te plegen of het aanvallen van schepen te plannen, uit te voeren of dreigen uit te voeren.

Artikel 4 Schending geheimhouding
1. Het is verboden vertrouwelijke informatie uit de besloten zaal der burgemeesters, de stadsraad, het kasteel van Den Haag of de Raad van Holland te verspreiden.
2. Het is verboden om informatie die vertrouwelijk wordt meegedeeld door de burgemeester, de raad of een van haar leden dan wel een door deze instituties aangesteld persoon openbaar te maken.
3. De Graaf c.q. de meerderheid der burgemeesters kunnen toestemming verlenen voor het openbaar maken van informatie uit de raad c.q. de zaal der burgemeesters.

Artikel 5 Machtsmisbruik
1. Het is ambtsdragers verboden hun functie te gebruiken ten behoeve van persoonlijk (financieel) gewin.

Artikel 6 Taalbeheersing
Het is verboden een ambt in dienst van het graafschap Holland te bekleden, voor iemand die de Nederlandse taal niet autonoom (zonder hulpmiddelen) beheerst.

Artikel 7 Kwalificatie
Overtreding van artikel 1 tot en met 5 geldt als verraad, tenzij zij worden begaan door een ambtsdrager of edelman van het graafschap Holland. Dan gelden zij als hoogverraad. Overtreding van artikel 6 geldt als verstoring van de openbare orde.

Opus 6. Maritieme delicten

Artikel 1 Aanmeren schepen
Het is verboden een schip aan te meren, zonder toestemming van de havenmeester.

Artikel 2 Geweldspleging
2. Het is verboden een schip van een Hollander of een schip dat zich in Hollandse territoriale wateren bevindt, aan te vallen of tot zinken te brengen, tenzij wordt gehandeld in opdracht van de rechtmatig verkozen Graaf van Holland tijdens de staat van beleg.

Artikel 3 Kwalificatie
De feiten in deze opus gelden als verstoring van de openbare orde.

Opus 7. Verblijf door buitenlanders

Artikel 1 Verblijfsbeperkingen
1. Elke niet-Hollander dient op vraag van de Schout of de Graaf onverwijld het doel van zijn bezoek aan Holland mede te delen.
2. Elke niet-Hollander dient de beperkingen, gesteld door de Schout of de Graaf van Holland aan een bezoek, in acht te nemen.

Artikel 2 Kwalificatie
Het nalaten de verplichtingen in deze opus na te leven geldt als verstoring van de openbare orde.

Memorie van toelichting:
Citaat :
Er heeft een algehele herziening van de Strafwet plaatsgevonden. Het doel van deze opzet is om de Strafwet eenvoudiger toegankelijk te maken. De teksten van artikelen zijn daartoe waar mogelijk vereenvoudigd en het systeem is herzien. In plaats van een rangschikking naar de aard van de aanklacht is het wetboek nu opgebouwd naar de aard van het vergrijp. Dat heeft geleid tot de volgende algemene indeling:

Opus 1: Algemene bepalingen (definities, algemene beginselen, toepassingsbereik, soort straffen)
Opus 2: Economische en fiscale delicten (delicten m.b.t. marktverstoringen en fiscale vergrijpen)
Opus 3: Misdrijven tegen de openbare orde en tegen personen (laster, eerroof, bedreiging, roverij)
Opus 4: Verstoring van de rechtsgang (delicten die de goede werking justitie belemmeren)
Opus 5: Misdrijven tegen de instituties (revoltes, vorming legers, schending geheimhouding, machtsmisbruik, niet aftreden na een motie van wantrouwen)
Opus 6: Maritieme delicten (over misdrijven op zee)
Opus 7: Verblijf door buitenlanders (speciale bepalingen voor reizigers)

Vervallen bepalingen
Opus 1, Artikel 1, 1.1-1.6
De eerste artikelen bevatten algemene omschrijvingen van wat voor soort delicten er te onderscheiden waren. Deze zijn geschrapt. De thematische indeling is nuttig om in gedachten bij de ordening van strafbare feiten maar is op zichzelf niet nodig om rechtszaken te kunnen starten. Het gaat hier om definitieomschrijvingen die duidelijk maken welke soort misdrijven er bestaan.

Opus 1, Artikel 2
Deze bepaling omschrijft wat het graafschap in brede zin is, wat door gedragingen van hoogverraad schade kan leiden. Het is niet teruggekeerd in de nieuwe wet, nu daarin wordt gewerkt met nauwkeuriger delictsomschrijvingen. Een bepaling als dat het verboden is schade te veroorzaken aan het graafschap Holland, op straffe van Hoogverraad past daar niet in. Dit laat teveel ruimte over voor discussie over wat precies schade veroorzaken is. Zaken die duidelijk tot schade leiden (revoltes, legervorming etc. zijn zelfstandig opgenomen).

Opus 1, Artikel 3
Artikel 3 is overgebracht naar het wetboek over de JustitiŽle Procedures (Boek IV).

Opus 1, Artikel 3.1
Dit artikel is geschrapt, het is wenselijker dat de OA zelf oordeelt over de vraag of een vervolging nodig is, nu de graaf ook betrokken is bij de rechtspraak.

Opus 1, Artikel 7
Dit is een vage bepaling, die om die reden niet meer is teruggekomen. Wel zijn er concrete gedragingen strafbaar gesteld die leiden tot belemmering van de rechtsgang in opus 4.

Opus 1, Artikel 10
Deze bepaling is geschrapt, de Graaf kan na ommekomst van zijn termijn vervolgd worden door de provinciale justitie.

Opus 2, Artikel 1
Het oplichten van andere is tegenwoordig feitelijk niet meer denkbaar, daarom is de strafbaarheid geschrapt.

Opus 3, artikel 1
Het onderdeel over verstoring van de goede zeden is geschrapt, nu totaal onduidelijk is wat hiermee wordt bedoeld.

Opus 3, artikel 2.2
De bepaling dat het beledigen iemand met een officiŽle functie eerroof is, is geschrapt. Ook zonder deze aparte bepaling valt het immers in algemene zin onder eerroof. Een extra bepaling is daarom niet nodig voor de vervolging.

Opus 3, artikel 3.2
Het forfaitaire bedrag bij roverij wordt geschrapt, het wordt aan de rechters overgelaten om gelet op de praktijk en de omstandigheden van het geval een reŽle inschatting te maken van de te vergoeden schade.

Opus 3, artikel 4.3
Volstaan is met een medewerkingsplicht aan het onderzoek van de Schout. Verklaringen afgelegd in dat traject kunnen ook worden gebruikt in een justitiŽle procedure.

Opus 3, artikel 7
Buitenlanders hoeven niet langer vooraf toestemming te vragen aan de Graaf of de Schout. Wel kunnen zij verplicht worden beperkingen in acht te nemen (eventueel zelfs om het graafschap te verlaten). Deze bepaling sluit beter aan bij de praktijk.

Opus 3, artikel 8
Algemene artikel over belemmering is vervallen, wel blijven de concrete uitwerkingen behouden in het nieuwe Opus 4 over belemmering van de rechtsgang.

Opus 3, artikel 9
- De strafbaarheid voor het niet naleven van de dienstplicht vervalt, omdat dit feitelijk niet handhaafbaar is;
- De strafbaarheid voor de taalwetgeving vervalt, omdat hier algemene regels voor gelden (NRP: spelregels). Wel blijft voor functionarissen de verplichting gehandhaafd om autonoom de eigen taal te spreken.
- De strafbaarheid van het volgen van lessen voor level 2 vervalt, nu deze regels primair zijn opgenomen om hen te beschermen tegen kennisverlies.

Opus 4, artikel 3
Het verbod ten aanzien van het doen van een aanval verdwijnt. Het deel uitmaken van een leger is als zodanig als strafbaar, zelfs als er geen aanval mee wordt gepleegd. Sneuvelt er iemand in gevechten met het leger, dan kan dat worden vervolgd als een verstoring van de openbare orde (zie opus 3, artikel 4). Dat past beter bij delicten als roverij, nu deze ook kunnen leiden tot levensberoving. Wordt er een poging gedaan om een stad over te nemen, of wordt er daadwerkelijk een stad overgenomen dan valt dat onder opus 5, artikel 1.

Opus 4, artikel 6
Tegenwoordig kunnen de baljuw en de burgemeesters zelf ervoor zorgen dat een mandaat wordt ingevorderd. De medewerking van de mandataris is daarom niet meer nodig. Om die reden is dit artikel geschrapt.

Opus 4, artikel 7
De redenen om een mandaat uit te schrijven zijn ter beoordeling aan de burgemeester en de baljuw. Van een redelijk handelend ambtsdrager kan worden verwacht dat hij zelf bedenkt in welke situaties goed is om een doel van een mandaat op te nemen. Wel blijft er een verbod om het mandaat te gebruiken in strijd met het doel van het mandaat dan wel de belangen van de stad c.q. het graafschap.

Opus 4 artikel 8
- De verplichting om trouw te zweren op straffe van vervolging vervalt voor burgemeesters en raadsleden. Het gaat hier om een administratieve verplichting, zij blijven niet minder verplicht op zorgvuldige wijze hun ambt uit te oefenen. Omdat te onderstrepen is de strafbaarheid van taakverwaarlozing opgenomen (opus 5, artikel 6)
- Het verbod om door middel van hekserij (Multi-accounts) stemmen uit te brengen vervalt, nu dit niet handhaafbaar is.

Nieuwe en gewijzigde bepalingen
Opus 1, Artikel 1
Er is een nieuwe omschrijving gegeven van ambtsdrager. Deze is nu zo dat het iedereen dekt die direct of indirect wordt benoemd door een burgemeester, raadslid of de Raad. Een opsomming is daarom niet meer nodig.

Opus 1, Artikel 2
Een strafvervolging grijpt ernstig in op het persoonlijk leven van de verdachte. Het is daarom redelijk dat deze vooraf kan weten of hij voor een bepaalde gedraging strafrechtelijk vervolgd kan worden of niet. Enkel de feiten die in de Strafwet zijn omschreven, vůůr dat het gedrag plaatsvond zijn daarom strafbaar.

Opus 1, Artikel 3
Een algemeen beginsel is dat er geen strafbaarheid kan zijn zonder schuld. Waar iemand niet redelijkerwijs anders kon of behoorde te handelen is voor strafvervolging geen plaats. Te denken is bijvoorbeeld aan een commandant van een leger die eigenmachtig iemand aanvalt die dreigt te gaan lopen met de provinciale schatkist, omdat de Graaf en Regent onbereikbaar zijn. In zoín geval behoort redelijkerwijs niet anders gehandeld te worden dus behoeft er geen vervolging plaats te vinden.

Opus 1, Artikel 4
De scheepvaart is in het geheel nog niet geregeld in provinciale wetgeving. Bij het territoir dat valt onder het SRING gelden enkele keizerlijke regels. Met deze bepaling is geregeld dat het Hollandse strafrecht ook geldt op schepen van Hollanders, met uitzondering van de gevallen waarin het keizerlijke recht geldt.

Opus 2, artikel 3
Voorheen kon alleen de Graaf kwijtschelding verlenen van belastingen, ook als zij door een burgemeester waarin ingesteld ten bate van de stad. Dat is aangepast: in dergelijke gevallen is nu de burgemeester bevoegd om kwijting te verlenen.

Opus 2, artikel 4
Deze verplichting was voorheen opgenomen in de Belastingwet. Het verplicht een burgemeester om belastingen te heffen die de Raad via hem oplegt aan bewoners van de steden en deze aldus geheven belasting ook daadwerkelijk af te dragen.

Opus 2, artikel 5
Omdat de goederen waarmee niet gespeculeerd mocht worden niet langer worden opgenomen in het verslag, zijn zij opnieuw opgenomen in de wet.

Opus 3, artikel 4
Geweldspleging is uitdrukkelijk opgenomen, voorheen stond dit niet duidelijk in de wet omschreven. Vanwege de parallel met roverij is die opgenomen in dezelfde opus en gekwalificeerd als verstoring van de openbare orde.

Opus 4, artikel 2
Er is een verschoningsrecht geÔntroduceerd voor de verdachte, partner en naaste familie. Met name bij speculatie werd de verdachte vroeger verplicht om mee te werken aan zijn eigen veroordeling, tegenwoordig is die behoefte echter niet meer zo sterk aanwezig. Het verschoningsrecht ziet alleen op het meewerken aan het onderzoek dat dient tot zijn veroordeling. Hij blijft wel verplicht desgevraagd bewijs te verschaffen over de omvang van zijn bezittingen. Het wetboek over de Juridische Procedures is aangepast om aansluiting te houden op de nieuwe regeling.

Opus 5, artikel 2 en 3
De bepalingen van deze artikelen werden aangepast naar aanleiding van recente gebeurtenissen. Ook het dreigen om een overname te begaan leidt al tot extra kosten, vanwege de noodzaak extra wachten in te huren. Het is daarom verboden om dergelijke schade door dreigementen te veroorzaken.

Bij deze beide artikelen kan een samenloop ontstaan, ook met de bepaling over geweldpleging. Het gaat daarbij er om dat gedrag maar ťťn keer kan worden bestraft, zelfs al valt het onder meerdere delictsomschrijvingen. M.a.w. als een iemand deel uitmaakt van een leger dat een overname doet op een stadhuis dan kan hij daarvoor ťťn maal worden vervolgd en niet apart voor het deel uitmaken van een criminele organisatie en het deel uitmaken van een leger en het bestormen van het stadhuis (dat is op dat moment ťťn feitelijke gedraging het deel uitmaken van een leger dat een stadhuis bestormd). Dat laat onverlet dat er vooraf al een vervolging kan zijn voor het dreigement datzelfde stadhuis te bestormen. De rechter zal dus per situatie moeten beoordelen in hoeverre er sprake is van splitsbaarheid in de gedragingen.

Opus 5, artikel 4
Het artikel is vereenvoudigd. De kern van blijft hetzelfde, vertrouwelijke informatie mag niet naar buiten worden gebracht. De rechter zal zich bij een vervolging moeten beraden over de vraag of de verdachte informatie als niet vertrouwelijk heeft mogen beschouwen. Algemeen toegankelijke informatie of informatie die al openbaar is gemaakt is niet vertrouwelijk. Hetzelfde geldt voor de bespreking van wetsvoorstellen. Gegevens over militaire bewegingen of bepaalde economische informatie is dat wel. Bijvoorbeeld het gegeven dat een handelaar op een bepaald moment passeert langs een weg. Veel hangt af van de omstandigheden van het geval.

Opus 5, artikel 6
Voor iedere ambtsdrager geldt altijd de regel dat hij zijn ambt niet mag gebruiken voor persoonlijk gewin. Het duidelijkste voorbeeld is natuurlijk het plunderen van de schatkist. Daarnaast worden ook verwijtbaar ernstige vormen van taakverwaarlozing strafbaar gesteld. De lat ligt hierbij hoog. Een voorbeeld hiervan is een Schout die opzettelijk geen wachters inhuurt om een overname te vergemakkelijken. Of een mijnopzichter die Ė wetende dat hij die dag nog geen mijnonderhoud heeft gedaan Ė het klooster ingaat terwijl de baljuw afwezig is en de Graaf niet op de hoogte stelt van zijn afwezigheid. Het enkele maken van een fout door onervarenheid of door te goeder trouw een verkeerde beslissing te nemen leidt niet tot aansprakelijkheid volgens dit artikel.

Opus 7, artikel 1
In aansluiting op de bestaande praktijk is het vereiste om voorafgaande toestemming te vragen voor verblijf in Holland afgeschaft. Wel zullen buitenlanders zich moeten houden aan gestelde beperkingen, die kunnen omvatten het verbod om voor een bepaalde periode te verblijven in Holland.

Ten gevolge van deze algehele wetswijziging wordt ook wetboek IV: Juridische procedures Opus 1 aangepast.

Oud:
Citaat :
Opus 1 : Over de onderzoeksprocedure.

Artikel 1.
De assistent-schout staat de schout bij in alle afdelingen van de Schutterij.

Artikel 1.1.
Naast de assistent-schout bestaat de stadswacht. De stadswacht valt onder de schout en heeft als taak het zorgen voor de veiligheid van de steden door deze te verdediging bij een revolte of aanval van een vijandelijk leger.

Artikel 2.
De (assistent-)schout kan dossiers opstellen, advies geven, aanklachten bij de openbare aanklager leggen, mits hij toestemming van de schout heeft.

Artikel 3.
De openbare aanklager moet het slachtoffer voor de aanvang van de rechtszaak op de hoogte brengen van zijn recht om zich als burgerlijke partij op te stellen indien een rechtszaak volgt. (buiten wet; dit gebeurt eigenlijk automatisch)

Artikel 4.
De openbare aanklager mag het slachtoffer voor aanvang van de rechtszaak op de hoogte stellen van de mogelijkheid om, indien hij/zij dit wenst, bij te worden gestaan door een advocaat of door een relevante groepering of associatie van zijn/haar keuze. De rechter kan, op vraag van het slachtoffer, ook een advocaat toewijzen aan het slachtoffer. Alle kosten zullen bij het slachtoffer liggen.

Artikel 5.
De (assistent-)schout mag alle mogelijke nuttig geachte inlichtingen vragen aan de beklaagde wat hen mogelijk moet maken om een dossier op te stellen. (bijvoorbeeld: een screenshot van zijn "gebeurtenissen".) Indien de beklaagde weigert de gevraagde bewijsstukken te leveren, zal hij/zij beschuldigd worden van "belemmering van de rechtsgang" (verstoring van de openbare orde) en dan zal van hem/haar vermoed worden dat hij/zij schuldig is voor de hem/haar aangaande rechtszaak.

Artikel 6.
De (assistent-)schout mag eveneens alle personen waarvan gedacht wordt dat ze inlichtingen kunnen verschaffen over de zaak ondervragen.

Artikel 7.
Indien er twijfel bestaat over het kapitaal van de beklaagde om een eventuele boete te betalen zal er een screenshot gevraagd worden van diens inventaris van zijn erf en van wat hij op zak heeft. Indien nodig zal een extra bewijs van de Bank van Holland (mocht de beklaagde een rekening met geld op hebben bij de Bank van Holland) gevraagd worden.

Wijzigingen:
Citaat :

Boek IV: Over de procedures

Opus 1 : Over de onderzoeksprocedure.
Artikel 5.
De (assistent-)schout mag alle mogelijke nuttig geachte inlichtingen vragen aan de beklaagde wat hen mogelijk moet maken om een dossier op te stellen. (bijvoorbeeld: een screenshot van zijn "gebeurtenissen".) Indien de beklaagde weigert de gevraagde bewijsstukken te leveren, zal hij/zij beschuldigd worden van "belemmering van de rechtsgang" (verstoring van de openbare orde) en dan zal van hem/haar vermoed worden dat hij/zij schuldig is voor de hem/haar aangaande rechtszaak.

Artikel 6.
De (assistent-)schout mag eveneens alle personen waarvan gedacht wordt dat ze inlichtingen kunnen verschaffen over de zaak ondervragen.

Artikel 7.
Indien er twijfel bestaat over het kapitaal van de beklaagde om een eventuele boete te betalen zal er een screenshot gevraagd worden van diens inventaris van zijn erf en van wat hij op zak heeft. Indien nodig zal een extra bewijs van de Bank van Holland (mocht de beklaagde een rekening met geld op hebben bij de Bank van Holland) gevraagd worden.


Artikel 5
De (assistent-)Schout mag eenieder vragen alle relevante informatie voor een lopend onderzoek naar een strafbaar feit beschikbaar te stellen.

Artikel 6.
Indien er twijfel bestaat over het kapitaal van de verdachte om een eventuele boete te betalen zal er een screenshot gevraagd worden van diens inventaris van zijn erf en van wat hij op zak heeft. Indien nodig zal een extra bewijs van de Bank van Holland (mocht de beklaagde een rekening met geld op hebben bij de Bank van Holland) gevraagd worden.

Nieuw:
Citaat :
Opus 1 : Over de onderzoeksprocedure.

Artikel 1.
De assistent-schout staat de schout bij in alle afdelingen van de Schutterij.

Artikel 1.1.
Naast de assistent-schout bestaat de stadswacht. De stadswacht valt onder de schout en heeft als taak het zorgen voor de veiligheid van de steden door deze te verdediging bij een revolte of aanval van een vijandelijk leger.

Artikel 2.
De (assistent-)schout kan dossiers opstellen, advies geven, aanklachten bij de openbare aanklager leggen, mits hij toestemming van de schout heeft.

Artikel 3.
De openbare aanklager moet het slachtoffer voor de aanvang van de rechtszaak op de hoogte brengen van zijn recht om zich als burgerlijke partij op te stellen indien een rechtszaak volgt. (buiten wet; dit gebeurt eigenlijk automatisch)

Artikel 4.
De openbare aanklager mag het slachtoffer voor aanvang van de rechtszaak op de hoogte stellen van de mogelijkheid om, indien hij/zij dit wenst, bij te worden gestaan door een advocaat of door een relevante groepering of associatie van zijn/haar keuze. De rechter kan, op vraag van het slachtoffer, ook een advocaat toewijzen aan het slachtoffer. Alle kosten zullen bij het slachtoffer liggen.

Artikel 5.
De (assistent-)Schout mag eenieder vragen alle relevante informatie voor een lopend onderzoek naar een strafbaar feit beschikbaar te stellen.

Artikel 6.
Indien er twijfel bestaat over het kapitaal van de verdachte om een eventuele boete te betalen zal er een screenshot gevraagd worden van diens inventaris van zijn erf en van wat hij op zak heeft. Indien nodig zal een extra bewijs van de Bank van Holland (mocht de beklaagde een rekening met geld op hebben bij de Bank van Holland) gevraagd worden.

Memorie van toelichting:
Citaat :
Strafbaarheid belemmering rechtsgang is verplaatst naar boek II: Strafwetboek.

Was getekend op de achtentwintigste dag van de maand mei van het jaar des Heerens 1461 te Den Haag



Winterstorm van den Kasteele
Woordvoerder van Holland [/rp]

_________________
Terug naar boven Go down
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: Boek II: Strafwet   Vandaag om 9:37 am

Terug naar boven Go down
 
Boek II: Strafwet
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Het Kasteel van Den Haag :: Zuidoostelijke vleugel : Hollands Justitiepaleis :: Wetten van Holland-
Ga naar: