Het Kasteel van Den Haag

Het centrum voor de administratie van het Graafschap Holland (hoort bij het spel Koninkrijken der Renaissance)
OfficiŽle site van het spel : www.dekoninkrijken.com
 
IndexRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 De Herbergwet (v. 02)

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Fleury



Vrouw Aantal berichten : 1126
Woonplaats : Laralaikalaan 20 te Utrecht
Registration date : 02-01-08

Personage-beschrijving
Adelijke rang: Heer
Spierkracht:
215/255  (215/255)

BerichtOnderwerp: De Herbergwet (v. 02)   di maa 03, 2009 1:32 pm

Geannuleerd op 25 februari 1458

Citaat :
De Herbergwet

Opus 1

Artikel 1
Wekelijks wordt er een tax van 20 florijnen van alle bezitters van een herberg geheven. De bezitters van een herberg dienen deze taxen zodanig te voldoen dat zij nooit een schuld hebben openstaan gelijk aan 60 florijnen of meer. Het handelen in strijd met dit artikel wordt beschouwd als oplichting.

Artikel2
Veldwachters zijn bevoegd om deze betalingen te controleren via screenshots met daarin het profiel van de herbergier plus datum. Een verzuim om een screenshot te leveren binnen een door de veldwacht gestelde, redelijke termijn wordt beschouwd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3
Herbergbezitters zijn vrijgesteld van het betalen van taxen op grond van artikel 2 van deze wet zolang zij in het klooster verblijven. Zodra de herbergbezitter terugkeert uit het klooster dient hij onmiddellijk aan zijn verplichtingen op grond van deze wet te voldoen.

Artikel 4
Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Opus 2

Artikel 1
Indien een overtreding van de herbergwet is vastgesteld, maakt men zich schuldig aan 'oplichting'.

Artikel 2
De rechter legt een herbergbezitter die heeft gehandeld in strijd met deze wet geen straf op, indien de herbergbezitter uiterlijk bij zijn laatste pleidooi aantoont dat hij zijn herberg heeft gesloten. Wel draagt de herbergbezitter de administratiekosten van het proces.


gewijzigd: schrappen artikel 1 (eigenaar van een herberg moet inwoner zijn van de stad waar herberg is gevestigd) door Xeado van den Kasteele op 18 mei 1457

gewijzigd: goede versie geplaatst 21 mei Karanda
Aangepast door Lara Callisto Tailleur op 26 september 1457, Op 1 artikel 5 toegevoegd.
Aangepast door Lara Callisto Tailleur op 6 november 1457, de gehele nummering
Terug naar boven Go down
Lara



Aantal berichten : 4055
Registration date : 25-12-07

Personage-beschrijving
Adelijke rang: Graaf
Spierkracht:
0/0  (0/0)

BerichtOnderwerp: Re: De Herbergwet (v. 02)   di jul 14, 2009 2:40 pm

Citaat :
Memorie van Toelichting:

Herbergen zijn essentieel in het leven van de burgers in Holland. Het is een trefpunt waar men spel en plezier kan beleven, herbergen kunnen in tijden crisis een toevluchtsoord zijn op het gebied van betaalbaar eten. Het zijn ontmoetingsplaatsen voor handelaars en reizigers. Om de goed uitgebate herbergen te beschermen tegen verkrotting in hun buurt dient deze door het Graafschap beschermt te worden. Om iedereen de mogelijkheid te geven een herberg uit te baten is het eenieder toegestaan slechts 1 herberg te drijven. Het verbod om een herberg te drijven buiten de eigen woonplaats is opgeheven. Voor handhaving van dit verbod bestond geen aanleiding. Verder is het verbod op het voorleggen van een misleidende menukaart geschrapt omdat dit op basis van een Keizerlijk Besluit niet meer mogelijk is.


Citaat :
Memorie van toelichting:

De Raad heeft besloten artikel 1 te schrappen om aan het belang van vrijheid van vestiging en onderneming tegemoet te komen.

Hoort bij de wijzing van 25 mei 1457

Citaat :
De Raad deelt volgende wetswijziging mee;
Citaat :
De volgende wijziging heeft plaats gevonden in het wetboek
Citaat :
Boek II, Opus 3, Artikel 6.1

Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Citaat :
herbergwet, Opus 1, Artikel 5

Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Memorie van Toelichting;
Citaat :
Het betreffende artikel heeft te maken met de herbergen. Hierdoor heeft de raad gekozen om dit artikel onder te brengen in de herbergenwet

Getekend op 17 september van het Jaar des Herens 1457,


Niekhzm,
woordvoerder

Citaat :
Beste inwoners van Holland,
De raad van Holland deelt het volgende mee:


Citaat :
De Herbergwet

Opus 1

Artikel 1
Wekelijks wordt er een tax van 20 florijnen van alle bezitters van een herberg geheven. De bezitters van een herberg dienen deze taxen zodanig te voldoen dat zij nooit een schuld hebben openstaan gelijk aan 60 florijnen of meer. Het handelen in strijd met dit artikel wordt beschouwd als oplichting.

Artikel2
Veldwachters zijn bevoegd om deze betalingen te controleren via screenshots met daarin het profiel van de herbergier plus datum. Een verzuim om een screenshot te leveren binnen een door de veldwacht gestelde, redelijke termijn wordt beschouwd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3
Herbergbezitters zijn vrijgesteld van het betalen van taxen op grond van artikel 2 van deze wet zolang zij in het klooster verblijven. Zodra de herbergbezitter terugkeert uit het klooster dient hij onmiddellijk aan zijn verplichtingen op grond van deze wet te voldoen.

Artikel 4
Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Opus 2

Artikel 1
Indien een overtreding van de herbergwet is vastgesteld, maakt men zich schuldig aan 'oplichting'.

Artikel 2
De rechter legt een herbergbezitter die heeft gehandeld in strijd met deze wet geen straf op, indien de herbergbezitter uiterlijk bij zijn laatste pleidooi aantoont dat hij zijn herberg heeft gesloten. Wel draagt de herbergbezitter de administratiekosten van het proces.


Citaat :
Memorie van toelichting:
De nummering van de artikelen was door de vele wetswijzigingen in het verleden onlogisch geworden.
Om dit weer te herstellen is een nieuwe nummering ingevoerd.

Getekend op 5 November van het Jaar des Herens 1457,



Silvain Nicolas Valentin Hugo de Ligne,
in naam van de raad van Holland.

Citaat :
[rp]Aankondiging

De raad deelt mee;

- De annulering van de herbergwet;

Fleury schreef:
Citaat :
De Herbergwet

Opus 1

Artikel 1
Wekelijks wordt er een tax van 20 florijnen van alle bezitters van een herberg geheven. De bezitters van een herberg dienen deze taxen zodanig te voldoen dat zij nooit een schuld hebben openstaan gelijk aan 60 florijnen of meer. Het handelen in strijd met dit artikel wordt beschouwd als oplichting.

Artikel2
Veldwachters zijn bevoegd om deze betalingen te controleren via screenshots met daarin het profiel van de herbergier plus datum. Een verzuim om een screenshot te leveren binnen een door de veldwacht gestelde, redelijke termijn wordt beschouwd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3
Herbergbezitters zijn vrijgesteld van het betalen van taxen op grond van artikel 2 van deze wet zolang zij in het klooster verblijven. Zodra de herbergbezitter terugkeert uit het klooster dient hij onmiddellijk aan zijn verplichtingen op grond van deze wet te voldoen.

Artikel 4
Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.

Opus 2

Artikel 1
Indien een overtreding van de herbergwet is vastgesteld, maakt men zich schuldig aan 'oplichting'.

Artikel 2
De rechter legt een herbergbezitter die heeft gehandeld in strijd met deze wet geen straf op, indien de herbergbezitter uiterlijk bij zijn laatste pleidooi aantoont dat hij zijn herberg heeft gesloten. Wel draagt de herbergbezitter de administratiekosten van het proces.


gewijzigd: schrappen artikel 1 (eigenaar van een herberg moet inwoner zijn van de stad waar herberg is gevestigd) door Xeado van den Kasteele op 18 mei 1457

gewijzigd: goede versie geplaatst 21 mei Karanda
Aangepast door Lara Callisto Tailleur op 26 september 1457, Op 1 artikel 5 toegevoegd.
Aangepast door Lara Callisto Tailleur op 6 november 1457, de gehele nummering

Citaat :
Memorie van toelichting
De herbergwet bestaat uit een aantal artikelen die niet hoognodig een eigen wetboek nodig hebben. Om die reden wordt de herbergwet geschrapt en de relevante artikelen verplaatst naar de andere wetboeken. Zie hieronder.

- Een toevoeging en aanpassing op de belastingwet;

Jrkboy schreef:
Citaat :
Belastingswet

Artikel 1

De Graafschappelijke Raad kan bepalen dat een belasting wordt geheven aan de inwoners van Holland. De Raad stelt vast: de frequentie van de belasting, de hoogte van de belasting, en het soort veldtype en/of ambacht die belast worden.

Artikel 2.

De Burgemeester is verplicht een door de Raad opgelegde belasting te heffen. De Burgemeester moet de opbrengsten van deze belasting afdragen aan de Raad. De Burgemeester mag als compensatie voor de kosten van belastingheffing 12,50 florijnen (5 staatspunten) aftrekken van het te betalen bedrag.

Artikel 2.1

De Burgemeester is bevoegd in aanvulling op de provinciale belasting ook een eigen stedelijke belasting te heffen. De Burgemeester bepaalt zelf de hoogte van deze stedelijke belasting. De Burgemeester moet de inning van deze belasting tenminste twee dagen van tevoren aankondigen, met de hoogte van de stedelijke belasting en de reden voor de stedelijke belasting.

Artikel 2.2

De Burgemeester dient de belastingen binnen 22 dagen na de eerste heffing aan de Graafschappelijke Raad over te maken. Indien de Burgemeester weigert de belastingen te heffen en/of af te dragen aan de Graafschappelijke Raad zal die conform de grondwet aangeklaagd worden.

Artikel 3

De Graafschappelijke Raad heeft de belasting vastgesteld op 10 fl per vastgoed. Dit is ongeacht of het een veld of ambacht is. Tevens is er geen onderscheid tussen de verschillende ambachten en velden. Deze belasting moet iedere eerste dag van de maand worden geheven. De Burgemeesters mogen enkel een afwijkende dag instellen na toestemming van de Graafschappelijke Raad.

Artikel 3.1.

Bij wijze van uitzondering, kan een eenmalige verandering in het provinciale belastingbeleid, inclusief het opheffen of instellen van belastingen, plaatsvinden. Deze moet door de Woordvoerder worden bekendgemaakt. De wijziging wordt voorzien van uitleg in de vorm van een memorie van toelichting. De Woordvoerder moet een wijziging tenminste twee dagen van tevoren aankondigen. In elke andere situatie geldt artikel 3.

Artikel 4

De Tollenaar maakt, op de dag dat er belastingen geheven worden, een overzicht van het totale aantal velden en ambachten aan de hand van het bevolkingsregister, evenals een overzicht van de burgers die in het klooster verblijven. De Tollenaar maakt, op basis van deze overzichten, een berekening van de belasting die de stad moet afdragen (quotum).

Artikel 5

Na het verstrijken van de 8 dagen, vraagt de Tollenaar om een lijst met wanbetalers bij de Burgemeester. De Tollenaar geeft wanbetalers een herinnering, indien hieraan geen gevolg wordt gegeven zullen zij vervolgd worden, zoals beschreven in de Strafwet. Van het quotum, zoals beschreven in art. 4, zullen de schulden van kloostergangers, doden en wanbetalers afgehouden worden, waarna men spreekt van definitief quotum.

Artikel 6

De Tollenaar publiceert het definitieve quotum in zijn kantoor, opdat de Minister van Handel en Burgemeester het kunnen nakijken. De Burgemeester dient hiervan door de Tollenaar per brief op de hoogte gesteld te worden. Vijftien dagen na het instellen van de belasting, krijgt de Burgemeester een mandaat waarmee hij de ontvangen belastingen kan afdragen.

Artikel 7

Iedere Hollander is verplicht provinciale en/of stedelijke belastingen, opgelegd door de Graafschappelijke Raad en/of een wettig verkozen Burgemeester, te betalen voor de boetetermijn.

Artikel 7.1

De Graaf van Holland kan in bijzondere gevallen op verzoek een uitzondering maken op artikel 7. en een belastingschuld kwijtschelden. Dit wordt aangekondigd bij de tollenaars en in het wekelijkse verslag.

Opus 2; over herberg belastingen

Artikel 1
Wekelijks wordt er een tax van 20 florijnen van alle bezitters van een herberg geheven. De bezitters van een herberg dienen deze taxen zodanig te voldoen dat zij nooit een schuld hebben openstaan gelijk aan 60 florijnen of meer. Het handelen in strijd met dit artikel wordt beschouwd als oplichting.

Artikel 2
Veldwachters zijn bevoegd om deze betalingen te controleren via screenshots met daarin het profiel van de herbergier plus datum. Een verzuim om een screenshot te leveren binnen een door de veldwacht gestelde, redelijke termijn wordt beschouwd als verstoring van de openbare orde.

Artikel 3
Herbergbezitters zijn vrijgesteld van het betalen van taxen op grond van artikel 2 van deze wet zolang zij in het klooster verblijven. Zodra de herbergbezitter terugkeert uit het klooster dient hij onmiddellijk aan zijn verplichtingen op grond van deze wet te voldoen.

Citaat :
Memorie van toelichting;
Met de annulering van de herbergwet blijft de nood bestaan om de belastingen van de herbergen te verankeren in ons juridische systeem. Logischerwijs is opus 2 van de herbergwet verplaatst naar de belastingwet.


- Een toevoeging op de strafwet, opus 3 over oplichting;

Citaat :
Op. 3. Over Oplichting.

Artikel 1.

Eenieder die aan een ander door misleiding schade toebrengt voor eigen profijt wordt vervolgd voor oplichting en is naast eventuele andere straffen verplicht deze schade te vergoeden.

Artikel 2.

Wordt beschouwd als oplichting : De plundering van dorp of graafschap. De plundering van een dorp, is de doorverkoop op grote schaal van goederen van het dorp, idem voor bij het graafschap. De schuldige kan de zwaarste straffen riskeren, naargelang de appreciatie van de openbare aanklager en de mildheid van de rechter en naargelang de ernst van de zaak.

Artikel 3.

De verkoop van een akker door middel van een valse aanbieding wordt beschouwd als oplichting. De boete is equivalent aan de prijs voor dewelke de koper het terrein heeft aangekocht en kan samengaan met gevangenisstraffen of publieke sancties.

Artikel 3.1.

Het gebruik van mandaten van een stad of het Graafschap voor eigen profijt is strafbaar.

Artikel 3.2.
Iedere eigenaar van een herberg die aan zijn klanten misleidende menukaarten voorlegt, kan beschuldigd worden van oplichterij.


Artikel 4.

Burgers van het Graafschap Holland kunnen onderling handelscontracten afsluiten en rechtspersonen oprichten na goedkeuring van een charter door de Raad.

Citaat :
Memorie van toelichting;
Artikel 4 uit de herbergwet is een artikel dat de consument moet beschermen en onder oplichting valt. Om die reden is het verplaatst naar de strafwet.

Getekend op 25 februari van het Jaar des Herens 1458,





Namens de raad van Holland,
Anesha dela Mendoza
Woordvoerder [/rp]
Terug naar boven Go down
 
De Herbergwet (v. 02)
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Het Kasteel van Den Haag :: Zuidoostelijke vleugel : Hollands Justitiepaleis :: Wetten van Holland :: Archief-
Ga naar: